Posts tonen met het label PKN. Alle posts tonen
Posts tonen met het label PKN. Alle posts tonen

woensdag 10 december 2014

Pionieren met Johannes de Doper: een paar stappen terug

Hollen we vooruit en moeten we dan noodgedwongen een stap terug doen, of doen we eerst een stap terug om stappen vooruit te kunnen zetten?
In de Adventstijd speelt Johannes de Doper een grote rol: hij is het die de komst van Jezus aankondigt volgens de Evangelist Johannes. Voor hem luidt de komst van Jezus een verandering in. Een verandering in leven én geloven. De vertegenwoordigers van de Joodse 'kerk' zet hij op het andere been: "Nee, ik ben niet de messias, ook niet Elia en geen profeet." Hij verwijst door naar Jezus: "Midden onder jullie staat hij die jullie niet kennen, en om Hèm gaat het!" Een verhaal over verandering in het kerk-zijn. Niet op onze manier, maar op Jezus' manier. Hoe geven we daar ruimte voor?

In de Protestantse Kerk in Nederland is op dit moment veel ruimte om te pionieren. Om nieuwe vormen van kerk uit te proberen. Dat begint eigenlijk altijd buiten de kerkgebouwen. Bij mensen thuis, op hun werk, in de kroeg, of waar ze ook maar mogen zijn. Waarom buiten de kerkgebouwen? Omdat deze mensen niet of niet meer in de kerk zoeken naar zingeving, spiritualiteit en verdieping. En hoe laag we de drempels voor ons gevoel ook maken, zo beleven deze mensen dat niet. Het is voor hen geen natuurlijke plek om met vragen van geloof en leven bezig te zijn.

zondag 31 augustus 2014

Waarom zou ik mijn geloof de doorslag laten geven? (preek 31 augustus 2014)


Beluister de preek op Kerkomroep (tot zes maanden na de dienst)

In de afgelopen week kwam vermeende kritiek op onze koning van onze landelijke kerk in het nieuws. Hij zou God meer moeten noemen. Dit korte nieuwsitem ging voorbij aan de kern van het interview. Wat onze kerk naar voren wil brengen in al zijn activiteiten is dat we moeten leren durven over God te spreken. Niet omdat we het beter weten of anderen daarmee uit willen sluiten. Geloof geeft wel houvast, ook in de ontmoeting met de ander. "Ik kom in dat contact met hem niet verder, als ik over mijn eigen bronnen zwijg" zegt voorzitter ds. Karin van den Broeke in de volledige versie van het interview met NRC. De stelling van de preek is: We doen onszelf en God tekort als we niet over hem spreken.

Geloof bewijst zich
Afgelopen woensdag gebeurde er in deze kerk iets bijzonders. Gelovigen en mensen die geloof en zin zoeken kwamen in grote getale af op de uitnodiging van de Raad van Kerken om in een gebedsdienst stil te staan bij het geweld in de wereld, en troost en bemoediging te zoeken bij God en bij elkaar. Zes voorgangers uit verschillende kerken gingen voor, en verschillende muzikanten en andere medewerkers hielpen spontaan mee. Aanleiding voor de viering was de behoefte die we voelden om alle emoties bij het geweld in de wereld een plek te geven. En te bidden voor vrede. Al het geweld in Irak, ook tegen onze geloofsgenoten, maar ook in Syrië, Israël, Gaza, Oekraïne en op zo veel andere plekken in de wereld geeft een machteloos gevoel. Waar kun je met je gevoel naartoe? Geloof bewijst zich op zulke momenten als een houvast en een bron van hoop. Het brengt zelfs mensen samen die nog nooit met elkaar het geloof hebben gevierd of die al lange tijd niet in een kerk zijn geweest. Hier staat de kerk in haar kracht. Om geloof te voeden dat bergen kan verzetten en het niet laat bij het lijden in de wereld, en onze emoties daarbij. We werden even collectief gedragen en bemoedigd door het zingen, de gebeden, de woorden, het samenzijn.

De kracht van geloof wordt onderschat - de tempel kan God niets schelen
Deze kracht van de kerk wordt onderschat. Of: de kracht van het geloof wordt onderschat. In eerste instantie door onszelf. Want kerk lijkt voor veel mensen steeds minder belangrijk te worden. Prioriteiten liggen om zeer uiteenlopende en allemaal even begrijpelijke redenen elders. Dat is niet erg voor de kerk. Want de kerk bestaat niet voor zichzelf. En God zorgt wel voor zijn kerk. Maar het is wel erg voor onszelf.

woensdag 2 november 2011

Allerdankdag

Gisteren heb ik me opgewonden over de Decemberkalender, die door de Protestantse Kerk in Nederland wordt uitgegeven in plaats van een Adventskalender. Men vindt het missionair de periode van bezinning aan te passen aan de periode van de feestmaand, 1 tot en met 31 december.

Nu zijn protestanten toch al niet zo sterk met data. We zijn al missionair vergeten dat Advent vier zondagen voor Kerst begint (dit jaar 27 november); de Veertigdagentijd zetten we al jaren op de verkeerde dag in. De Veertigdagentijd start 40 dagen voor Pasen, minus de zondagen. Dus op een woensdag, die traditioneel Aswoensdag wordt genoemd. Deze dag wordt nauwelijks gevierd in protestantse kerken, maar eens te meer in rooms-katholieke kerken. En met een mooi ritueel: de palmtakjes (vaak van buxus) die bij palmzondag werden uitgedeeld (en op de palmpasenstokken zaten) worden door mensen weer meegenomen, verbrand, met water vermengd, en zo ontstaat een asmengsel waarmee iedereen die wil een askruisje op zijn voorhoofd getekend kan krijgen. Een indrukwekkend en intiem ritueel. Een begin van bezinning, ingetogenheid, en wellicht vasten. Deze dag zijn wij als protestanten helemaal kwijt. We laten de Veertigdagentijd gewoon op de eerste zondag daarna beginnen. Jammer. Dit jaar werd dat zelfs schrijnend duidelijk, omdat Aswoensdag samenviel met de Biddag voor Gewas en Arbeid. Het lukte me niet om de broeders en zusters zo ver te krijgen Biddag een week te verzetten vanuit oecumenisch oogpunt. Is de Biddag minder belangrijk? Neen. Maar Aswoensdag is het begin van een van de kernmomenten in ons kerkelijk leven.

En neem vandaag. Alsof het zo moet zijn is het vandaag niet alleen Dankdag voor Gewas en Arbeid bij ons maar ook Allerzielen bij de rooms-katholieken. Op Allerzielen worden de overledenen herdacht. Me dunkt een beter moment dan aan het einde van het kerkelijk jaar. Lees de evangelielezing uit het rooster er maar eens op na. Die gaan over de wederkomst van Christus en het oordeel. Deze zondag van Voltooiing staat op zichzelf. Hoort daar de gedachtenis van onze overledenen bij? En dankdag? Het is vervloeid met de zondagen erna, in onze gemeenten.

Je kunt veel zeggen over de rooms-katholieke kerk, maar ze staan met hun kalender wel dichter bij de liturgie van het kerkelijk jaar, en daarmee ook dichter bij het leven. 2011 met zijn overlapping van Biddag en Aswoensdag, en van Dankdag en Allerzielen, is alleen een slecht jaar om daarvan te leren. Jammer. Volgend jaar beter.

dinsdag 1 november 2011

Verwacht ik een Decemberkalender van mijn kerk?


Vanuit het Missionair werk van onze kerk wordt dit jaar een Decemberkalender aangeboden 'Liefde is het einde'. De nieuwsbrief vertelt: 'Iedere dag heeft een tekst of een vraag om iets te doen, om even bij stil te staan op weg naar Kerst.' Ik viel van mijn stoel: een Decemberkalender? Waarom geen Adventskalender?? De nieuwsbriefschrijver voelt dat ook wel aan, maar praat erover heen: 'Anders dan de afgelopen jaren met de adventskalender loopt de decemberkalender van donderdag 1 december tot en met zaterdag 31 december. Elke dag heeft een prachtige afbeelding die als ansichtkaart opgestuurd kan worden. Nieuw is dat het gedeelte met de afbeelding van het tekstgedeelte ‘afgescheurd’ kan worden, en dus enkel het beeld als kaart weggestuurd kan worden.' Leuk hoor, maar waar zijn we nou helemaal mee bezig??

Elk jaar lopen we er tegenaan dat Advent en de Decembermaand samenvallen. Logisch, want Kerst valt erin. Maar elk jaar voelen we ook de eigenheid, juist in relatie tot de Decembermaand. Vol verwachting klopt ook ons hart, maar onze verwachting, en ook ons kerstfeest, leggen wel een ander accent. Juist in relatie tot de Decembermaand met zijn drukte rondom Sinterklaas en Kerst, is het belangrijk dat we de bezinning vanuit de Verwachting van Jezus (met Kerst als eindpunt en niet 31 december) een plek blijven geven. Rust in alle drukte, bezieling. Moeten we dan tegemoetkomen aan de Decembercultuur en onze Adventskalender daarop aanpassen? Neen! Je hoeft niet tegen de Decembercultuur te zijn om wel voor de eigenheid van de Adventsperiode te zijn. We hebben goud in handen (en wierook en mirre); goud dat dof wordt als we het samensmelten met de Decembermaand.

Als ik een Decemberkalender wil, dan ga ik wel naar de Xenos. En die noemt het nota bene een Adventskalender!! Met chocola. Dat ontbreekt er nog aan bij de Decemberkalender van onze kerk. Hij is missionair bedoeld; maar zo wordt hij onherkenbaar aan zijn eigenheid. 'Liefde is het einde' luidt de titel van de Decemberkalender. Dat klopt: dit is het begin van het einde...