Posts tonen met het label Jezus. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jezus. Alle posts tonen

zondag 3 mei 2015

Waarom zou je Jezus nodig hebben? (preek 3 mei 2015)


Waarom zou je Jezus nodig hebben? Die vraag wordt opgeroepen door Jezus zelf, wanneer hij zegt: 'Zonder mij kun je niets doen.' Dat is me nogal een stelling. Die voelt voor ons moderne mensen misschien wat ongemakkelijk. Want betrekken we Jezus werkelijk in alles wat we doen, en willen we dat eigenlijk wel? Vinden we dat wel nodig?

Geloven als een trolleybus
Waarom zou je Jezus nodig hebben? Deze week zag ik in het TV programma Geloof en een hoop liefde een man enthousiast uit een trolleybus springen en aan de hand van die bus uitleggen waarom hij Jezus nodig had. Want wat is het verschil  tussen een trolleybus en een dominee? Een trolleybus raakt nooit de draad kwijt... En dat was precies wat deze christen, zoals hij zich noemde, fascineerde aan de trolleybus. Om te kunnen rijden heeft de trolleybus verbinding nodig met de stroomdraden die door de straten hangen. Zou hij los komen te raken, dan valt hij stil. Deze man omschreef zijn relatie met God op dezelfde manier. Je hebt als christen contact met God. Hij geeft je veel speelruimte, net als een trolleybus die drie of vier meter kan uitwijken. Het is geen tram of trein op een vastgelegd spoor. Je hebt als christen best veel speelruimte, maar je moet wel bij die bovenleiding blijven om op de juiste weg te blijven. Want anders val je stil.

Waarom zou je Jezus nodig hebben? De vergelijking met de trolleybus raakt een aantal zaken die ik las in de antwoorden op mijn vraag aan verschillende mensen om mee te denken met #themakeofthepreek. Die 12 antwoorden, die soms ook heel indringend en persoonlijk waren, en soms ook heel nuchter en ter zake; die antwoorden probeer ik mee te nemen in mijn overwegingen.

maandag 6 april 2015

Hoe krijgen we vertrouwen in een onrustige wereld? (preek Pasen 5 april 2015)


Ook dit jaar trok de uitvoering van The Passion veel publiek en veel kijkers. Het lijdensverhaal van Jezus in een populair jasje werd zo ook dit jaar weer een veelbesproken verhaal. Bij alle reacties merk je hoeveel moed en lef ervoor nodig is om keuzen te maken in de verhaallijn, de vormgeving, de teksten en de zangers. Dat toont ook aan hoe goed het is dat de makers die keuzen durven maken. Er is veel gezegd over de acteerpresentaties, maar Dave Roelvink hoefde in ieder geval niets te doen om een geloofwaardige Barabbas neer te zetten...

Deze Barabbas kwam samen met de Jezusfiguur weer het podium op in een oranje gewaad. Zo word vanaf de eerste edities Jezus als een terrorist neergezet. Dat beeld verwart ons nu. Het was een helder beeld. Zou Jezus nu geleefd hebben, dan hadden de machthebbers hem een terrorist genoemd. En dan hadden ze hem inderdaad een oranje gewaad aangetrokken. Net zoals onze bondgenoten dat doen met vermeende terroristen die ze naar Quantanamo Bay sturen. Jezus als vermeende terrorist: het is een gewaagd beeld. Maar wel een eenduidig beeld.

Verwarrend beeld van Jezus
Dit jaar verwart dat beeld van Jezus in oranje kleren. En ik weet niet of de makers zich dat hebben gerealiseerd. Of dat ze het bewust zo hebben laten gebeuren. Want dit jaar dringen andere beelden zich op van mensen in oranje kleren. Verschillende westerlingen werden onthoofd door aanhangers van IS. Op een beestachtige manier en op video vastgelegd. Zij hadden dezelfde oranje kleren aan. En dan waren er nog die 21 Koptische Christenen, die op het strand in oranje kleren hetzelfde lot tegemoet gingen.

Als we ook dit jaar weer Jezus in oranje kleren zijn veroordeling tegemoet zien gaan in The Passion,

donderdag 19 maart 2015

Wat moet je met de paashaas?


Als je door de supermarkt loopt, lijkt het christelijke Paasfeest over iets heel anders te gaan dan de dood en opstanding van Jezus. De paashaas en zijn eieren vullen de schappen. Om tegenwicht te bieden tegen de commercialisering van 'onze' feesten lijkt er best wat voor te zeggen om de paashaas te weren uit het Paasfeest. Zo makkelijk is dat echter niet. Overal duikt ie op. Wat moet je met de paashaas?

Paashaas onlosmakelijk verbonden met Pasen
We hebben de paashaas niet nodig om het christelijke Paasverhaal te vertellen. Dat is duidelijk. Hij lijkt dat Paasverhaal zelfs in de weg te zitten als hij de boventoon gaat voeren. Hierdoor krijg je gauw het gevoel dat Pasen eigenlijk niet meer gaat waarover het zou moeten gaan. Veel mensen verlangen naar een Paasfeest zonder bijverschijnselen. Waar gaat het nou wérkelijk om?

Toch komen we er niet onderuit dat Pasen en de paashaas zo met elkaar verweven zijn, dat we ze nauwelijks uit elkaar kunnen halen. En wees nou eerlijk, wat is Pasen zonder paaseitjes? En wat is Pasen zonder de lente? En zonder de lammetjes? Het heeft er allemaal niks mee te maken, en toch ook weer wel. De traditie gaat ons daarin voor.

zondag 7 september 2014

Wat kun je doen om in vrede te kunnen leven? (preek 7 september 2014)


Beluister de preek via Kerkomroep (tot zes maanden na de dienst)

Hoe herkenbaar: al het om de waarheid gaat draaien we er tegenover elkaar graag omheen. Zeggen we niet wat gezegd moet worden, om de lieve vrede. Of praten we er juist wel over, maar met anderen. Of hangen we het zelfs aan de grote klok, voordat we er met de ander zelf over praten. Waarom dat ons schaadt, en waarom God ons beter gunt, vertellen Ezechiël en Jezus deze zondag. Het Koninkrijk van God begint zelfs daar waar twee of drie in Jezus' naam aanwezig zijn. In het klein; dat is het doorlopende thema van Mattheüs. 

Een belangrijke voorwaarde om gelukkig te kunnen leven is dat er vrede is. We zien heel veel plaatsen waar die vrede er niet is. We zien de consequenties ervan: mensen slaan op de vlucht. Kinderen kunnen niet naar school. Huizen, winkels, bedrijven en wegen worden kapotgeschoten, zodat er ook geen werk meer mogelijk is. En de zwaksten zijn daarvan als eerste de dupe.

Vrede bedreigd? 
Maar het is niet alleen maar een ver van ons bed show meer. De verschillende brandhaarden in de wereld hebben ook hun invloed op de vrede bij ons. Mensen voelen zich bedreigd. In hoeverre dat terecht is of niet is niet eens zo belangrijk. Waar het om gaat is dat vrede niet meer vanzelfsprekend blijkt. Als het dat ooit was. Maar we zijn eraan gewend geraakt. En nu raakt het gemis van vrede in de wereld onze eigen vrede. Niet alleen door sympathisanten van Jihadstrijders die zelfs vanuit ons land vertrekken, of door een priester die in elkaar wordt geslagen, of de ruiten van een Koptische kerk in Amsterdam die worden ingegooid. Maar ook door de vluchtelingenstromen die op gang komen richting Europa. Mensen die elders een veilig heenkomen en een toekomst zoeken. Of dit de oplossing is, is nog maar de vraag, maar je kunt ze het moeilijk kwalijk nemen.

Twee keuzen 
We hebben een keuze hoe we hiermee omgaan. Handelen we uit angst of zoeken we de vrede?

zondag 31 augustus 2014

Waarom zou ik mijn geloof de doorslag laten geven? (preek 31 augustus 2014)


Beluister de preek op Kerkomroep (tot zes maanden na de dienst)

In de afgelopen week kwam vermeende kritiek op onze koning van onze landelijke kerk in het nieuws. Hij zou God meer moeten noemen. Dit korte nieuwsitem ging voorbij aan de kern van het interview. Wat onze kerk naar voren wil brengen in al zijn activiteiten is dat we moeten leren durven over God te spreken. Niet omdat we het beter weten of anderen daarmee uit willen sluiten. Geloof geeft wel houvast, ook in de ontmoeting met de ander. "Ik kom in dat contact met hem niet verder, als ik over mijn eigen bronnen zwijg" zegt voorzitter ds. Karin van den Broeke in de volledige versie van het interview met NRC. De stelling van de preek is: We doen onszelf en God tekort als we niet over hem spreken.

Geloof bewijst zich
Afgelopen woensdag gebeurde er in deze kerk iets bijzonders. Gelovigen en mensen die geloof en zin zoeken kwamen in grote getale af op de uitnodiging van de Raad van Kerken om in een gebedsdienst stil te staan bij het geweld in de wereld, en troost en bemoediging te zoeken bij God en bij elkaar. Zes voorgangers uit verschillende kerken gingen voor, en verschillende muzikanten en andere medewerkers hielpen spontaan mee. Aanleiding voor de viering was de behoefte die we voelden om alle emoties bij het geweld in de wereld een plek te geven. En te bidden voor vrede. Al het geweld in Irak, ook tegen onze geloofsgenoten, maar ook in Syrië, Israël, Gaza, Oekraïne en op zo veel andere plekken in de wereld geeft een machteloos gevoel. Waar kun je met je gevoel naartoe? Geloof bewijst zich op zulke momenten als een houvast en een bron van hoop. Het brengt zelfs mensen samen die nog nooit met elkaar het geloof hebben gevierd of die al lange tijd niet in een kerk zijn geweest. Hier staat de kerk in haar kracht. Om geloof te voeden dat bergen kan verzetten en het niet laat bij het lijden in de wereld, en onze emoties daarbij. We werden even collectief gedragen en bemoedigd door het zingen, de gebeden, de woorden, het samenzijn.

De kracht van geloof wordt onderschat - de tempel kan God niets schelen
Deze kracht van de kerk wordt onderschat. Of: de kracht van het geloof wordt onderschat. In eerste instantie door onszelf. Want kerk lijkt voor veel mensen steeds minder belangrijk te worden. Prioriteiten liggen om zeer uiteenlopende en allemaal even begrijpelijke redenen elders. Dat is niet erg voor de kerk. Want de kerk bestaat niet voor zichzelf. En God zorgt wel voor zijn kerk. Maar het is wel erg voor onszelf.

zondag 17 augustus 2014

Wat betekent het als ik zeg 'Ik ben christen'? (#WeAreN) (preek 17 augustus 2014)

Tekst: Jesaja 56: 1-7 en Mattheüs 15: 21-28

Beluister de preek via Kerkomroep.nl (tot zes maanden na de dienst)

Veel mensen voelen zich verbonden met christenen op de vlucht. En zeggen: ik ben ook christen! Wat betekent het als je dat zegt? De gevestigde orde gebruikt een religieuze identiteit vaak om grenzen te stellen. Wie er wel en niet bij hoort. En hoe alles hoort te gaan. Maar volgen we daarmee God, die juist grenzen opzoekt en overgaat? Over wat het betekent om grenzeloos christen te zijn gaat de overweging bij de ontmoeting van Jezus met de Kanaänitische vrouw.


De beelden uit Irak blijven onze journaals, onze kranten en onze sociale media vullen. Ze raken. De barbaarsheid van het geweld komt heel erg dichtbij in de heldere beelden, tot in details open over de wreedheden daar. En het komt dichtbij omdat mensen ook in Nederland openlijk sympathiseren met de mensen die de wreedheden begaan. Het zet groepen tegenover elkaar. In het ergste geval in antisemitisme en islamofobie, de haat tegen joden en tegen moslims. Vorige week stonden we er bij stil dat daarin de grond ligt voor de wreedheid en de barbaarsheid van het geweld: de identiteit van een ander volledig uitroeien. Niet een paar mensen, maar iedereen. Mét hun cultuur en geschiedenis erbij. Kortom hun identiteit. Niets mag meer aan de andere groep herinneren. Omdat ze zijn wie ze zijn.

Ook christenen overkomt dat overal ter wereld. In Noord-Korea, waar de Paus zo dichtbij is, en nu heel urgent en schrijnend in Irak. En mensen overal ter wereld tonen hun verbondenheid met deze christenen door de Arabische letter N te dragen op een T-shirt of een profielfoto op de sociale media. De Arabische letter N is de eerste letter van het woord voor Christen. De letter die op de huizen van christenen geschreven wordt, voordat ze eruit verjaagd worden, met de dood tot gevolg. Door het dragen van die letter tonen mensen hun verbondenheid met Arabische christenen. Als een geuzenpenning: ik ben ook christen!

Wat betekent het als je zegt 'Ik ben Christen!'?
 Daar wil ik vandaag op door. Op dat 'ik ben ook christen'. Wat ben je dan?

dinsdag 12 augustus 2014

Hoe overwint toch weer het goede in alle conflicten? (preek 10 augustus 2014)


Beluister de preek op Kerkomroep.nl (tot zes maanden na de dienst)

De wereld lijkt in brand te staan en meer dan ooit komen de conflicten dichtbij. De wereld is klein geworden. Een vliegramp bracht het conflict in de Oekraïne dichterbij. Het conflict in Gaza zet verhoudingen ook in Nederland op scherp, samen met het conflict in Syrië, waar medegelovigen op de vlucht zijn voor hun belagers, die sympathisanten in Nederland hebben. Wat kunnen we doen? Hoe kan onze houding zijn? De houding van Jona en van Petrus (die over het water probeert te lopen) helpt ons om zicht hierop te krijgen.

In de afgelopen week is in België het begin van de Eerste Wereldoorlog herdacht. Die begon honderd jaar geleden in 1914. Een gruwelijke, zinloze en alles vernietigende oorlog. De Duitse bondspresident, een oud-predikant, herinnerde vol schaamte hoe ook de bibliotheek van Leuven gebombardeerd is. En hoe Duitse intellectuelen daar geen traan om lieten. Zij noemden het bombardement zelfs noodzakelijk te midden van alle andere oorlogsverschrikkingen.

Waarom is dat zo'n belangwekkend detail? Het gaat toch maar om boeken, niet om mensen? Omdat de barbaarsheid van een oorlog zich pas echt laat zien als ook cultuur vernietigd wordt. En niet vanwege dat ene mooie boek of dat ene mooie muziekstuk, maar omdat de cultuur onze wortels zijn. Onze geschiedenis. Ons verhaal. Onze identiteit. Wanneer cultuur wordt uitgeroeid geeft dat aan dat de aanvaller de tegenstander met wortel en tak wil uitroeien. Er mag niets aan hem herinneren. Dan gaat het niet meer om het bereiken van een doel dwars door iedereen heen en ten koste van veel levens die in de weg staan. Dan is de totale vernietiging van een volk, een minderheid, of een religie het doel. En niet alleen de vernietiging van wie nu leeft, maar ook van wie er geleefd hebben. En waar zij voor stonden. Wat ze bij hebben gedragen aan de wereld. Wat ze geloofden.

De geschiedenis herhaalt zich

Anno 2014 lijkt de geschiedenis zich te herhalen in een bijna nog grotere barbaarsheid die je je nauwelijks meer kunt voorstellen.

zondag 29 juni 2014

Hoe ga je met je geloof om als dat strijd geeft? (Preek 29 juni 2014)


Beluister deze preek via Kerkomroep (tot zes maanden na publicatie)

Als ouders ervoor kiezen om hun kinderen het goede nieuws van Jezus door te vertellen, dan is dat reden voor een feest. En als we dopen dan is dat een echt familiefeest. Van trotse grootouders, en dankbare ouders, voor wie het krijgen van een kind een hele nieuwe ervaring is. Dan is het best even slikken en fronsen als Jezus dan zegt dat zijn goede boodschap geen vrede brengt, maar het zwaard, tussen een man en zijn vader, tussen een dochter en haar moeder en tussen een schoondochter en haar schoonmoeder; de vijanden van de mensen zijn hun eigen huisgenoten. Wat is dat voor een familie?

Ik kijk even wat verder dan onze eigen families, en zie zo'n familie terug in de voetbalfamilie, de familie FIFA. Een familie die van iets dat een spelletje zou moeten zijn, oorlog heeft gemaakt. Een oorlog waarbij de beet van Luis Suárez niets voorstelt. Onder aanvoering van opa Sepp Blatter worden toernooien gekocht, en verkocht aan landen die dat niet kunnen betalen; lijden miljoenen mensen in sloppenwijken onder de gevolgen en onder het tekort aan voorzieningen dat ze al hadden. De familie dringt zijn eigen wetten op aan de ontvangende landen, die maar wat graag meeprofiteren. Maar gaat er zelf met de winst vandoor. Die wetten staan soms haaks op de wetten van de ontvangende landen en worden in sommige gevallen zelfs bewaakt door eigen FIFA-rechtbanken. Lekkere familie.

Hoeveel kun je door de vingers zien?

zaterdag 14 juni 2014

Voor wie is de kerk? (Preek Pinksteren 2014)


Beluister de dienst op Kerkomroep (8 juni 2014)

Pinksteren is het geboortefeest van de kerk. De inspiratie van de heilige Geest brengt een beweging op gang, waarin het Evangelie over de hele wereld wordt verteld. In ieders taal. Die beweging van bevlogen gelovigen heeft op allerlei plaatsen in de wereld kerken opgeleverd. Hier komen mensen samen om het geloof te vieren, om erover te leren, en om God en elkaar te dienen. Zoals wij hier in één van onze gebouwen.

Voor wie is die kerk? Voor ons, zul je misschien zeggen. En dat klinkt logisch. Wij sluiten hier aan bij die beweging van Pinksteren. In deze kerk waarin die beweging gestalte kreeg. In de woorden die klinken en de gemeenschap die we zoeken met elkaar vinden we iets van God, die ons nabij is en met ons mee leeft.

Waar zijn ze?
Tegelijkertijd voelen we dat we het niet helemaal zelf meer kunnen. De groep mensen die actief deel uit wil maken van de kerk slinkt. En alle mooie onderzoeken ten spijt dat mensen religieuzer zijn dan voorheen, keert dat de trend niet. Het kan ons een beetje knorrig maken. Waarom komen ze nou niet? Waarom is al dat andere waar ze zo druk mee zijn belangrijker? Waarom komen ze niet meer naar de kerk, terwijl ze wel hun kinderen hebben gedoopt? Waarom willen ze niets doen om onze kerk in stand te houden?

Ezechiël spreekt in een vergelijkbare situatie. Veel Israëlieten zijn uitgewaaierd. Verstrooid over de wereld door de ballingschap. Ze zijn hun eigen weg gegaan, ver weg van hun roots. Maar de tempel staat er nog. En in en rondom de tempel is een groepje achtergebleven. Er is iets met hen aan de hand, waar Ezechiël de vinger op legt.

De inwoners van Jeruzalem willen geen huizen bouwen voor wie terugkeren uit de ballingschap. Iets dat je met het huidige nederzettingenbeleid niet kunt voorstellen... In Ezechiëls tijd willen de inwoners van Jeruzalem niet dat mensen die hun eigen weg waren gegaan zouden terugkeren en zich weer zouden vestigen rondom de tempel.

Wat is hun reden om de terugkeer van de ballingen tegen te houden?

Hoe ben je jezelf en kun je in vrijheid leven? (preek doopdienst 18 mei 2014)


Beluister de dienst op Kerkomroep (18 mei 2014)

Elke keer als ouders de keuze maken om het geloof ook aan hún kinderen door te geven, is dat reden voor een feest. En of dat nu met een doop bezegeld wordt of niet, of ouders een eerste keuze voor hun kinderen maken of de uiteindelijke keuze volledig aan hun kinderen laten, waar het om gaat is dat het verhaal van God doorverteld wordt. En daar mogen we blij om zijn. Want iets dat waardevol is, wil je graag delen en doorgeven. Zodat het niet verloren gaat. En dan gaat het niet eens om een bevestiging van onszelf, dat wij het dan goed gedaan zouden hebben, want het is niet óns verhaal. Het is Gods verhaal. Gods Evangelie, Gods goede boodschap voor mensen. Wanneer dat verhaal doorverteld blijft worden, worden we bemoedigd dat het verhaal blijft leven. En dat God met ons mee blijft gaan in ons leven. Wat God zegt, brengt iets teweeg. Al vanaf de schepping toen God sprak, en zijn woorden licht van duisternis scheidde, en orde in de chaos bracht, en de mens schiep. En vervolgens in Jezus, de nieuwe mens, Gods woord in vlees en bloed werd. En nog steeds brengen Gods woorden iets teweeg. Ze scheppen. Duidelijkheid. Nieuwe perspectieven. Ze geven richting. Ze bemoedigen en troosten. Ze inspireren.

Hoe kun je leven? Twee vragen
De betekenis van het geloof voor het leven van alledag laat zich volgens een Amstelveense predikant, deze week in Trouw, samenvatten met de vraag: hoe kun je leven? Die vraag kun je op twee manieren lezen: HOE kun je leven? En: hoe kun je LEVEN? De eerste tekst uit Deuteronomium gaat over het HOE; de tweede tekst uit Johannes gaat over hoe je kunt LEVEN.

Die tweede vraag naar het leven is misschien nog wel dwingender dan naar hoe we dat dan kunnen doen. Al zijn we geneigd graag iets te willen doen. Dat leidt ook af.

zondag 11 mei 2014

Wat is het password om te leven zonder angst? (Preek 11 mei 2014 - overstapdienst)


Beluister de preek via Kerkomroep

Wat is het fijn als je in vrijheid kunt leven. We staan er niet altijd bij stil. Het is eigenlijk ook wel heel normaal. Het is zo gewoon geworden dat we in vrijheid kunnen leven. Daarom hebben we daar op 4 mei bij stilgestaan. Omdat er 69 jaar geleden een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. Een tijd waarin je niet in vrijheid kon leven, maar in angst moest leven. Omdat ons land bezet was en bezeten was van het idee dat je bepaalde mensen zomaar hun vrijheid af mag nemen. Omdat ze anders zijn dan anderen. Op 5 mei hebben we die vrijheid gevierd. Dankbaar mogen we zijn voor onze vrijheid. Juist omdat dat helemaal niet zo gewoon is. Kijk maar om je heen.

Kinderen in Nigeria durven niet naar school. Omdat de meisjes ontvoerd kunnen worden, en verkocht. Voor twaalf dollar. Op de markt. Kinderen in Syrië kunnen al helemaal niet naar school. Miljoenen mensen zijn met hun kinderen op de vlucht voor het oorlogsgeweld. Of ze kunnen niet weg uit de steden die omsingeld zijn door het leger of de rebellen. Dat hebben we hier niet, gelukkig. Jullie kunnen gelukkig naar school, ook al vind je dat niet altijd leuk. Maar dat is ook normaal. Het is wel fijn dat je dat zonder angst kan doen. En dat je weet dat je met je vrienden en vriendinnen kan spelen, dansen en van muziek genieten, en dat je straks een vak kunt gaan leren wat jij leuk vindt. Ook al weet je misschien nog niet wat je zou willen worden. Dat is ook niet zo belangrijk. Als je nu maar kunt zijn wie je bent.

Zorgen om onze vrijheid
Grote mensen maken zich wel een beetje zorgen. Maar daar zijn het ook grote mensen voor. Ze maken zich niet alleen zorgen over jullie, maar ook over de vrijheid waarin we kunnen leven. Blijft die wel?

zondag 4 mei 2014

Hoe kun je opbouwen als er zoveel wordt afgebroken? Preek 4 mei 2014


Beluister de preek op Kerkomroep

Met Pasen is er een nieuwe werkelijkheid doorgebroken. Jezus is niet dood. Hij leeft! We kunnen werkelijk een nieuw begin maken in ons leven, en bouwen aan een nieuwe wereld. Wat voor bouwstenen hebben we daarvoor nodig? Hoe kunnen we na Pasen bouwen aan de nieuwe wereld, en waar kunnen we op vertrouwen? Te meer omdat die wereld er helemaal niet zoveel anders uitziet na Pasen. Er wordt nog steeds veel afgebroken. Kijk maar in de Syrische steden, maar kijk ook dichtbij hoe levens en relaties kapot worden gemaakt. En soms staat in je leven geen steen meer op de andere na een diepingrijpende gebeurtenis door ontslag, scheiding, ziekte of welk ander ongeluk je ook treft, of waar je misschien zelf ook aan hebt bijgedragen. Ja, wijzelf zijn ook bij machte om het leven behoorlijk op zijn kop te zetten en zelfs af te breken. We zijn soms destructiever dan we willen zijn. Naar anderen toe, en naar onszelf. En dan glipt de hoop door je vingers en zakt de moed je in de schoenen. Waar bouwen we dan nog op?

Kort na de opstanding van Jezus zijn de leerlingen vooral verward. Twee leerlingen vertrekken zelfs uit Jeruzalem, terug naar huis in Emmaüs. Ze snappen niet wat er gebeurd is met Jezus. En op Hem vestigden ze al hun hoop. Maar Hij is dood. Hoewel, er zijn er die zeggen dat Hij leeft. Maar dat is toch onvoorstelbaar? Waar kunnen zij nog op bouwen?

zondag 20 april 2014

Hoe vind je houvast in een verandering? (preek Pasen 20 april 2014)

Tekst: Exodus 14: 9-14 en Johannes 20: 1-18

Beluister de preek op Kerkomroep

Ook dit jaar is het weer Pasen geworden. Ogenschijnlijk vanzelf. Het is een jaarlijks terugkerend feest dat vroeg of laat kan vallen, maar het komt. Het staat in onze agenda, samen met tal van activiteiten, concerten en festivals voor het lange weekend. Maar zo ogenschijnlijk vanzelf als het Pasen lijkt te worden, zo vanzelf gaat het allerminst in de bijbel. Wie de verhalen gehoord heeft in de kerk, of in de Matthëus of Johannes Passion, of in The Passion op tv, weet en voelt dat het niet zomaar Pasen wordt. Jezus moet het helemaal doormaken. De beker kan niet aan Hem voorbijgaan. En dat, terwijl de leerlingen in slaap vallen omdat de Passion te lang duurt, of wegzappen. De opstanding van Jezus is niet iets dat zomaar gebeurt. Er is een lange weg daar naartoe te gaan. Voor sommigen ook zwaar, zeker als het hele verhaal je zo aangrijpt.

Zwaar was het ook voor het volk Israël dat door Mozes uit Egypte is geleid. In Egypte waren ze slaven. Met recht wordt Egypte daar het Angstland genoemd. En voor het volk Israël is Pasen verbonden aan de bevrijding uit die angst. Bevrijding uit een leven dat beheerst wordt door angst. En dat is erg als je zo moet leven. Dan kun je niet vrij leven. Niet vanuit je passie, vanuit wat je drijft, omdat je telkens over je schouders moet kijken of iemand je niet op de vingers kijkt, je gedachten kent. Angst dus waarin je niet jezelf kan zijn, omdat je in je leven geleid wordt door wat anderen willen, of wat je denkt dat anderen willen. Angst voor wat anderen zullen doen en zeggen. Angst die je ertoe dwingt om of een vlucht naar voren of naar achteren te doen, wat in ieder geval betekent dat je je eigen plaats opgeeft. Wanneer je zo onderdrukt wordt, dan is het fantastisch als iemand je de bevrijding aankondigt. In vrijheid te kunnen leven. In een nieuw leven nota bene, in dit bijbelverhaal op een nieuwe plek, in een beloofd land. Het volk krijgt een plek. Een eigen plaats. Waar het zichzelf niet steeds hoeft te verdedigen en zichzelf een plekje moet veroveren. Waar ieder kan zijn wie hij is, een vrij mens, met zijn kunnen, zijn emoties, om vrij mens te kunnen zijn.

Er doorheen gaan of overleven?
Maar daarmee is niet alles gezegd. Tussen de uittocht uit het Angstland, en de intocht in het beloofde land, zit de doortocht. En die valt niet mee. Want die gaat dwars door de woestijn. Mooi hoor, dat ons leven wordt opgeschud met het vooruitzicht van een echte bevrijding van ons leven, zodat we echt een eigen plek in het leven hebben. Maar is de weg daar naartoe niet veel te zwaar? Het geloof zet veel op scherp, stelt kritische vragen, biedt mooie vooruitzichten en vergezichten, geeft troost en moed, jazeker, maar soms heb je ook het gevoel dat mensen die niet geloven eigenlijk een veel makkelijker leven hebben. Daar loopt ook niet alles zoals het zou moeten, en ja, zij worden ook beheerst door de dingen die nu eenmaal zijn zoals ze zijn, maar ze lijken zich daar gewoon bij neer te leggen. Zo is het leven nu eenmaal. Overleven, en gaan voor het gewin van jezelf en wie je lief zijn. Alles eruit halen wat erin zit. En ja, dat klinkt zoveel makkelijker. Het mag dan korte termijn denken zijn; het leven is toch ook maar kort? Yolo! You only live once.

Oude angsten achtervolgen je
Op de weg naar een vrij leven kunnen de angsten je weer aanvliegen. De Egyptenaren zitten de Israëlieten alsnog op de hielen. Zie je wel?! Dat stomme gepraat over nieuw leven, vrijheid, een eigen plek is gewoon onzin! Het leven is zoals het is, deal with it! Je verandert er geen moer aan. En ja, dan ga ik er maar aan ten onder, maar liever doordat alles voorspelbaar voortkabbelt dan dat ik moegestreden en op de vlucht het onderspit moet delven.

vrijdag 18 april 2014

Hoe vind je vrede in je geloof? (preek witte donderdag 17 april 2014)


Beluister de preek op Kerkomroep

'Het was kort voor het pesachmaal. Jezus wist dat zijn tijd gekomen was en dat hij uit de wereld terug zou keren naar de Vader. Hij had de mensen die hem in de wereld toebehoorden lief, en zijn liefde voor hen zou tot het uiterste gaan.' Zo begint het verhaal over de voetwassing op de avond dat Jezus het Avondmaal instelde. 'Doe dit tot mijn gedachtenis' zei Jezus over het breken van het brood en het delen van de wijn. Dat doen we in alle kerken in een verschillende regelmaat. 'Ik heb een voorbeeld gegeven' zegt Jezus over het wassen van de voeten van de leerlingen, 'wat ik voor jullie heb gedaan, moeten jullie ook doen.' Dat doen we dus niet. Of althans, niet letterlijk zoals bij het Avondmaal. Wel als we als mantelzorgers onze dierbare wassen, maar dan in hun geheel. Die voetwassing staat verder van ons af dan het Avondmaal. Wat heeft die voetwassing met het geloof te maken?

Een andere voetwassing
Om daarover na te denken wil ik een overstapje maken naar het Evangelie zoals Lukas dat vertelt. In het zevende hoofdstuk zien we Jezus ook aan de maaltijd zitten. Bij een Farizeeër thuis. Simon heet hij. Vast niet voor niets. Het doet denken aan die wankele rots, waarop Jezus zijn kerk bouwt, Petrus. En bij de maaltijd verschijnt van buiten ineens een vrouw. Een vrouw van wie bekend is dat ze een zondares is, vertelt het verhaal. Een vrouw van 'wie zonder zonde is werpe de eerste steen', maar ja, een oordeel is gauw geveld. En ook makkelijk, want dan gaat het niet over jezelf. Zij komt binnen met een albasten flesje met geurige olie. Hé, dat klinkt dan weer bekend. Het doet denken aan Maria van Bethanië die Jezus' hoofd zalft. Dit tot ontsteltenis van de leerlingen. Zoveel olie gebruiken is je reinste verspilling. Maar Lukas vertelt een ander verhaal. Niet over Maria van Bethanië, maar over een anonieme vrouw. Vanwege haar achtergrond denken mensen aan Maria Magdalena, wie zal het zeggen. In ieder geval zoekt deze vrouw het lager bij de grond, omdat zij ook lager bij de grond leeft. Misschien wilde ze wel Jezus' hoofd zalven, maar ze komt er niet bij. Hij ligt aan aan de maaltijd. En ze komt uit bij zijn voeten. Ze huilt. Haar tranen wassen zijn voeten en ze droogt ze af met haar haren. Haren die niet netjes zijn opgestoken, maar loshangen, wat symbool staat voor haar losbandig leven. Met de olie die ze meebracht zalft ze zijn voeten. Een wonderlijke gebeurtenis.

Testcase voor Jezus, of voor ons?
De Farizeeër Simon kijkt er met argusogen naar, en maakt hier een testcase van voor Jezus: als Jezus een profeet is weet hij wat voor vrouw dit is en kickt hij haar met dezelfde voeten weg. Maar Jezus maakt er een testcase van voor Simon.

zaterdag 12 april 2014

Is wat ik verdien ook van mij? (preek 23 maart 2014)


Beluister de preek op Kerkomroep

Als je door sommige verre landen reist, dan vraag je je wel eens af wat voor toekomst de mensen daar hebben. De schamele hutjes, of zelfs krotten, herbergen soms meer mensen dan wij in onze grote huizen. Een woonkamer is tegelijkertijd de enige slaapkamer. Privacy hebben ze daar niet. Het riool, als dat er al is, is een open riool, dat door de hutten naar de dichtsbijzijnde rivier loopt. De kleren die mensen aanhebben, hadden wij allang weggegooid. Het lijkt een totaal andere wereld te zijn. Maar tegelijkertijd word je verrast door toch ineens ergens een televisie te zien. Of hangt er in een schamel ingerichte woning ineens een poster van een Westerse topvoetballer. De ene wereld is klein geworden. Maar de leefomstandigheden van deze mensen staan ver van ons af. Omstandigheden waarin het moeilijk lijkt iets op te kunnen bouwen. Waar kinderen al blij zijn met een pen, ongeacht of ze naar school kunnen of niet. En waar veiligheid een luxe is.

En dat terwijl er maar één wereld is. Maar er is een wereld van verschil tussen hoe wij kunnen leven in die wereld en hoe anderen ver weg kunnen leven. Ook de kinderen in India, die door onze kerken gesteund worden met donaties voor de bouw van een kindertehuis.

Wat voor wereld krijgen we cadeau?
Jezus stelt de wereld en alle mogelijkheden die we daarin hebben voor als een wijngaard. Vruchtbaar land met planten die mooie en lekkere vruchten kunnen voortbrengen. Wat is dat voor wijngaard?

Wat verlang je van de stilte? (preek 9 maart 2014)


Beluister de preek op Kerkomroep

Het lijkt wel erg vroeg dit jaar om het verhaal van de intocht in Jeruzalem te lezen. In andere jaren is dit het verhaal van de zondag voor Pasen, Palmpasen. En dan komen de kinderen met hun palmpasenstokken de kerk in. Versierde kruisen als opmaat voor de Stille Week. Maar zover is het nu nog lang niet. We zijn nog maar net begonnen aan de voorbereidingstijd van 40 dagen voor Pasen. Langzaam maar zeker leven we toe naar het diepte- en het hoogtepunt van het verhaal over Jezus. Zijn dood aan het kruis en zijn opstanding uit de dood. Ook zover is het nog lang niet, maar we nemen dit jaar wel wat meer tijd voor de weg daar naartoe. De volle veertig dagen. Er gebeurt in het bijbelverhaal over Jezus zoveel na de intocht in Jeruzalem en voordat de finale begint, dat we het verhaal van Mattheüs wat uit elkaar trekken. En dus beginnen we vandaag met het verhaal van de intocht in Jeruzalem. Het is ook veel aannemelijker dat in de tijd gesproken de intocht veel eerder plaatsvond dan een week voor Pasen. Daar zeggen de evangelisten niets over. Sterker nog, ook zij besteden nog vele hoofdstukken aan wat er daarna gebeurt. Dus als we dit verhaal even losweken van de Stille Week, dan krijgen we de kans het verhaal voor zichzelf te laten spreken, zonder dat het meteen een opmaat is naar de dramatische finale van de Stille Week.

Wat voor feest vieren de mensen in Jeruzalem tijdens de intocht?
En als we dan het verhaal losweken van de Stille Week voor Pasen, dan komen we voor de vraag te staan in welk feestgedruis Jezus dan eigenlijk terecht komt. Mensen zingen uit een psalm: 'Gezegend Hij die komt in de naam van de Heer. Hosanna in de hemel!' Dat suggereert dat er mogelijk al een feest aan de gang was. En dat zit volgens mij ook in het hoofd van velen; dat mensen naar Jeruzalem voor het Paasfeest. Maar dat zou wat erg vroeg zijn. En de evangelisten zeggen daar ook niets over. Sterker nog, ze hebben eerst nog heel veel te vertellen. Het is niet onmogelijk dat hier in Jeruzalem het Loofhuttenfeest aan de gang is. Een feest dat inderdaad een maand of zeven eerder plaatsvindt. Een feest dat van oorsprong een landbouwfeest is en gehouden wordt op het moment dat de veldvruchten geoogst worden: druiven en zo. Het feest is in het teken komen te staan van de herinnering aan de veertig jaren dat het volk Israël na de uittocht uit Egypte door de woestijn zwierven en in hutten woonden. Het wonen in loofhutten tijdens dit feest herinnert daaraan. Maar meer nog worden volgens sommige bijbelgedeelten takken van klimop, groenen takken en palmtakken gebruikt voor een vrolijke processie. Een processie, een optocht, die nu doet denken aan waar Jezus in terecht komt bij zijn intocht. In de tijd van Jezus ging men voor dit Loofhuttenfeest ook naar de tempel in Jeruzalem. Allemaal puzzelstukjes die niet automatisch in elkaar passen, maar helemaal onmogelijk is het ook niet.

Waar verlangen de mensen naar?
Wat hebben we daaraan als we het verhaal van de intocht in Jeruzalem van Jezus lezen? We kunnen beter gaan begrijpen waar de menigte naar verlangt. Of misschien nog meer: waar de evangelist Mattheüs ons, zijn hoorders, naar wil laten verlangen.

zondag 2 maart 2014

Hoe ga ik om met alle mogelijkheden en kansen die het leven biedt? (preek 2 maart 2014)


Deze week mocht ik namens onze gemeente twee keer op kraambezoek. Heerlijk om die kleine mannetjes te zien. En wat mooi om te zien hoe de wereld voor de moeders even enkel om die kleine mensjes draait. Genoeg om voor te zorgen, naar te kijken, en naar te blijven kijken. Het kind is compleet afhankelijk en hoeft zich geen zorgen te maken. Soms voelt het zich wel verlaten, of schreeuwt het hulpeloos om eten en om troost als de eerste krampjes komen. Het kind moet leren leven met het gescheiden zijn van de moeder sinds de geboorte, en dat valt niet altijd mee.

De profeet Jesaja gebruikt dit beeld om het volk Israël gerust te stellen. Het volk zegt: 'De Heer heeft mij verlaten, mijn Heer is mij vergeten.' Maar kan een vrouw haar zuigeling vergeten of harteloos zijn tegen het kind dat zij droeg? Zelfs al zou zij het vergeten - want die situaties zijn er ook, weet God - ik vergeet jou nooit. Ik heb je in mijn handpalm gegrift.'

Er alleen voor staan 
Het volk maakt zich blijkbaar zorgen. De Heer heeft ons verlaten. Hij is ons vergeten. Misschien is dat eenzelfde gevoel als wij wel eens hebben dat het van onszelf moet komen. Dat we overal zelf voor moeten zorgen. Dat we overal zelf bij moeten nadenken. Dat we zelf alle keuzen moeten maken. Keuzen die 's ochtends al beginnen voor de klerenkast met: 'Wat zal ik vandaag eens aantrekken?'

In al die keuzen, in al die dingen waar je zelf voor moet zorgen, door de hele dag heen, kun je je behoorlijk alleen voelen. Het leven is er ook niet bepaald overzichtelijker op geworden. Er wordt steeds meer van ons gevraagd om zelf te doen. Om zelf te bepalen hoe je waar welke zorg wilt krijgen. Om zelf te bepalen hoe je werk, de opvoeding en opvang van je kinderen, je vrije tijd, je hobby's en allerlei andere verplichtingen bij elkaar moet organiseren. Hoe geloof en kerk daar ook nog een plaats in kunnen krijgen. Hoe je überhaupt verder wilt met je werk? Eventueel een opleiding wilt volgen, nieuwe mogelijkheden wilt scheppen of zoeken om aan het werk te gaan of te blijven? Er is weinig meer in het leven uitgestippeld.

maandag 30 december 2013

Gered door de crisis - preek over Hanna op zondag 29 december 2013


Beluister de dienst op Kerkomroep

Als een engel van de Heer aan de herders verschijnt, zegt hij: 'Vandaag is in de stad van David voor jullie een redder geboren.' Bekende woorden zijn het. En ze klinken hoopgevend. Maar hoe gaat die redding in zijn werk? U zult ongetwijfeld een gevoel hebben bij deze woorden. Ze kunnen in zichzelf al troostend zijn. Maar wat zegt die engel eigenlijk? Als de herders aan Jozef en Maria vertellen wat de engel heeft gezegd zijn ze stomverbaasd. Dat mogen wij minimaal ook zijn. Probeer maar eens uit te leggen wat dit betekent, dat er voor ons een redder is geboren.

Om erachter te komen wat de engel eigenlijk zegt moeten we te raden gaan bij de profeten. Want zij hebben de verwachting gewekt dat er een redder geboren zou worden. En dan hoeven we niet eens zo ver te zoeken. Een vertegenwoordigster van de profeten komen we vandaag in het verhaal van Jezus tegen: Hanna. Want de evangelist Lucas zoekt het dichtbij huis. Hij gaat niet meteen de wijde wereld in met Jezus. Hij blijft dichtbij huis. Meer specifiek: in de tempel. De verwachting van Jezus' geboorte al werd daar gewekt. In de tempel verscheen een engel aan Zacharias die de geboorte van Johannes de Doper aankondigde. Deze zal het volk gereedmaken voor de Heer, zei hij. En na de geboorte van Jezus brengen zijn ouders hem naar de tempel om hem rein te laten verklaren, overeenkomstig de wet van Mozes. Door de aandacht op de tempel te vestigen wil Lucas benadrukken dat de redding van God allereerst gestoeld is op het onderhouden van de wet. Jezus is 'kosjer' zogezegd. Hij is rein, hij is zuiver. Hij is in die zin dus ook te vertrouwen, want hij is van onbesproken gedrag en houdt zich aan de wetten en geboden vanaf het vroegste begin van zijn leven. Lucas vindt het erg belangrijk om Jezus' levensbegin te omlijsten met tempelverhalen. Daar, van waaruit God ons leven inkadert, leert hoe het leven goed is, daar klinkt het startschot van Jezus' leven, en van de redding door God van ons.

donderdag 26 december 2013

Komt allen tezamen! - preek Kerstmorgen 25 december 2013


Luister de dienst op kerkomroep

Er is veel gezegd over de reclamespot op tv van onze landelijke kerk om aandacht te vragen voor de verschillende kerstvieringen in de protestantse kerken. Of het veel mensen die nooit naar de kerk zouden komen naar de kerk heeft gebracht weet ik niet. Wat het in ieder geval teweeg heeft gebracht is dat we als gelovigen meer samen optrekken, uit welke gemeente je ook komt, en werkelijk allen tezamen komen rondom hetzelfde verhaal van hetzelfde feest. Kerst is bij uitstek een feest om bij elkaar op bezoek te gaan, samen hetzelfde feest te vieren en elkaar zo beter te leren kennen. Dat is winst.

Voor wie het in de reclamespot van onze kerk ontgaan was: vanmorgen zijn we allen tezamen gekomen om de geboorte van Jezus te vieren. En het geboorteverhaal lezen we vandaag eens niet uit het Evangelie naar Lucas, maar uit dat van Mattheüs. Want het verhaal kent vele kanten. Het verhaal van Mattheüs is alleen op z'n zachtst gezegd wat ingewikkeld. Veel ingewikkelder dan dat van Lucas, dat we bijna kunnen dromen: over die volkstelling, die tocht naar Bethlehem, die herberg en die stal, en het hemelse engelenkoor dat de herders ertoe aanzet naar het kind op zoek te gaan. Ja, die drie wijzen zijn wel van Mattheüs, maar daar zijn we nog niet.

De genesis van Jezus 
Mattheüs trekt een heel hoofdstuk uit over alleen de geboorte van Jezus. Of nee, eigenlijk niet eens de geboorte, maar het ontstaan van Jezus. In het Grieks de genesis van Jezus. Net als in het eerste hoofdstuk van het eerste bijbelboek van het Oude Testament spreekt Mattheüs in het eerste hoofdstuk van het eerste bijbelboek van het Nieuwe Testament over de genesis, en nu van Jezus. En waar gaat het dan om in die genesis? In het Oude Testament gaat het over de schepping van de hemel en de aarde. En in het Nieuwe Testament, ja, over de schepping van Jezus. En net als in het begin van het Oude Testament gaat het er niet om hoe die schepping is gegaan. Het lijkt alsof de bijbelverhalen dat vertellen, maar daar geven ze nauwelijks iets van prijs. De bijbelverhalen over de schepping van de hemel en de aarde, en van Jezus geven meer vragen dan antwoorden. Dus blijkbaar gaat het er niet over hoe hemel en aarde, en hoe Jezus zijn ontstaan. Het gaat erom van waar het is ontstaan. Wat is de oorsprong? En waarom wil je dat weten? Omdat je dan weet wat het doel is. Hoe de aarde is ontstaan is niet interessant. Wat interessant is wat het doel van dit alles is. Wij staren ons altijd blind op hoe iets zo is gekomen. Veel interessanter is wat nu het doel is van wat er gebeurd is. Waartoe is de wereld geschapen, de dieren, de mens, man en vrouw, waartoe is de rustdag geschapen, en: van waar kwam Jezus en waartoe kwam hij op aarde? Wat is het doel van zijn leven, wat bedoelt God hiermee?

Het is die vraag die Mattheüs wil beantwoorden: waar komt Jezus vandaan, waar komt Hij uit voort? Dan weten we ook meteen wat de bedoeling van dit alles is. Dat maakt zijn verhaal wel ingewikkeld. Want net als in het eerste bijbelboek van het Oude Testament komt hij met twee genesisverhalen, twee ontstaansverhalen. Vandaag lezen we het tweede, maar die kun je niet begrijpen zonder het eerste. Daar hebben we de afgelopen weken voor uitgetrokken. Het is een heel geslachtsregister met drie maal veertien generaties, vanaf Abraham via David naar Jozef, de verloofde van Maria. Het lijkt een heel letterlijk verhaal over het ontstaan, de afkomst van Jezus. Via de vaderlijke lijn horen wij zijn voorgeslacht. Het wonderlijke alleen zijn twee dingen: het eerste is dat er vier of eigenlijk vijf vrouwennamen opduiken in het mannelijke geslachtsregister, en het tweede is dat het er eigenlijk helemaal niet toe doet, of: dat op zijn minst hier niet alles mee verteld is.

De vrouwen in Jozefs familie 
Allereerst die vrouwennamen. In het mannelijke geslachtsregister van drie keer veertien generaties worden vijf vrouwen genoemd. Volstrekt overbodig zou je zeggen als je over die mannelijke lijn wilt vertellen. De vrouwen die genoemd worden zijn Tamar, Rachab, Ruth, Batseba en Maria. De vijf vrouwen van wie een schilderij hier hangt. Vrouwen met ieder een eigen verhaal, dat van de eerste vier is terug te vinden in het Oude Testament. Maar hun rol in het verhaal is dezelfde. Steeds is er een moment waarop God de geschiedenis met zijn volk bijstuurt. Dat doet hij op momenten dat de mens het laat afweten, verzaakt, zoals bij Tamar, of wanneer er een doorbraak moet komen in de geschiedenis, zoals bij Rachab, of wanneer het leven dood lijkt te lopen, zoals bij Ruth, of de mens het leven in eigen hand neemt, zoals bij Batseba. En God stuurt dan bij. Hij breekt de lijn niet af. Hij stuurt bij. Zelfs daar waar de mens, koning David in dit geval, de vrouw zelf inbrengt, door haar van haar man af te pakken, daar stuurt God bij. En komt er toch een kind. Alleen dat al is een hoopvolle geschiedenis. Wanneer wij het af laten weten, een doorbraak uitblijft, het leven dood lijkt te lopen, of zelfs wanneer we het leven in eigen hand nemen wat tot mislukken gedoemd is, omdat je het leven nooit kunt hebben maar alleen kunt zijn, ook dan blijft God een uitweg zoeken. En die gaat dan niet via de geijkte paden, al is het maar omdat wij zijn afgedwaald. En zo wordt in die lange lijst van drie keer veertien generaties al duidelijk dat het misschien dan letterlijk de mens is die zich voortplant, maar dat het God is die de geschiedenis doorgang geeft en door laat gaan. Want als het erop aankomt brengen we niets in, gaat God zijn eigen heilige gang, en hebben we dus ook niets in te brengen.

Wat heeft Jozef met Jezus te maken?
En zo komt Mattheüs bij het tweede gedeelte van zijn ontstaansgeschiedenis. Daar zit een breuk. Of eigenlijk een overlap. In het geslachtsregister vertelt Mattheüs dat bij Maria Jezus werd verwekt. Ja, ze was de vrouw van Jozef, maar de verbinding tussen Jozef en Jezus is Maria. Jozef en Jezus lijken niet zelf met elkaar verbonden, zoals dat normaal wel zo is tussen een vader en een zoon. Een maagdelijke geboorte dan, zoals de kerk belijdt, of een Romeinse soldaat die Jozef voor was, zoals in de literatuur nogal eens gesuggereerd wordt? Misschien wel geen van beide. Mattheüs zegt er niets over. En dat betekent nu juist dat we niet moeten speculeren, want als een bijbelverhaal iets niet vertelt, dan is dat blijkbaar niet belangrijk. En wij moeten dat dan ook niet belangrijker maken dan dat het is. Want wat wil Mattheüs hier wèl vertellen? Twee dingen: het gaat er niet om hoe Jezus ontstaan is in de menselijke zin, maar dat God hier het initiatief genomen heeft. En: het kan niet zonder ons, zonder de mens, want tenslotte gaat het om vrede op aarde.

We zeiden net: als het erop aankomt brengen we niets in, gaat God zijn heilige gang, en hebben we dus ook niets in te brengen. Ja, Jozef staat erbij en kijkt ernaar. Dat wil zeggen: Mattheüs wil vertellen dat Jezus' geboorte Gods initiatief is. En dat wij dus niet moeten denken dat wij Gods heil voortbrengen. Hoe de verwekking ook precies heeft plaatsgevonden: het is God die de geschiedenis van het geluk voor alle mensen op voor ons onkenbare wijze voortgang laat vinden. Gelukkig, het hoeft niet van ons te komen! Als je toch om je heen kijkt, en in de krant leest, dan denk je toch, met verdriet, met schuld, met schaamte, met boosheid en andere emoties: daar kan het toch niet vandaan komen. Van ons kan het toch niet komen? Hoe moet het dan wel goed komen met de wereld? Dit verhaal geeft het antwoord: het komt goed omdat God het initiatief neemt.

En God doet dat niet buiten ons om. Dat was het tweede. Want je zou bijna denken dat Mattheüs dan dat eerste gedeelte voor niets heeft verteld. Al die namen die leiden naar Jozef doen er toch niet toe als Jozef uiteindelijk niets in te brengen heeft in de verwekking van Jezus? Nogmaals, daar gaat het verhaal niet over. Jozef is nodig. Niet voor niets is Jezus zelf de veertiende in de derde rij mannen die genoemd worden. Dat is dus de overlap tussen de verhalen. Jezus wordt zowel genoemd in het eerste scheppingsverhaal als in het tweede. Hij is de veertiende. En Jozef, hij heeft de belangrijkste rol in het tweede scheppingsverhaal van Jezus dat Mattheüs vertelt. Maria horen we niet en zien we hier alleen zwanger zijn en een zoon baren. En alles wordt hier in het werk gesteld om Jozef erbij te houden. Omdat hij er niets mee te maken heeft lijkt hij zich terug te willen trekken. Nee niet omdat het een slappeling is, maar omdat hij een vrome gelovige is. Hij wil haar ook niet in opspraak brengen door haar voor het gerecht te dagen vanwege overspel. Hij denkt haar ook niet te kunnen trouwen, want dan pleegt hij zelf echtbreuk, omdat zij al met een ander geweest zou zijn. Dus dan kan hij maar beter met de noorderzon vertrekken en in stilte van haar scheiden. Dan heeft zij nog een leven. Zo is hij een vrome Jood. Wetsgetrouw én fatsoenlijk. Geen farizeeër voor wie de wet voor de mens gaat. Hoe zij zwanger kan zijn? Hij weet het ook niet. En de engel maakt hem duidelijk dat dat er ook niet toe doet. Het kind komt, en is een kind van God. En het wórdt een kind van Jozef.

De geboorte van Jezus is een onkenbare wending van God in onze wereld 

Soms vraag je je wel eens af hoe er uit onze wereld, uit ons leven nog iets goeds moet komen? Maar iets anders is er niet. En God liet zien in die geslachtsgeschiedenis dat hij een beslissende en doorslaggevende wending kan geven aan onze geschiedenis om hem ten goede te keren. En dat doet Hij nu weer, met de geboorte van Jezus, en definitief. Op een onkenbare manier, we hoeven het niet te begrijpen, geeft God ons leven een beslissende wending. En klinkt die onverwachte boodschap van vrede op aarde, in een wereld van zoveel oorlog en onvrede. Die hoop op vrede, en dat het met ons leven goed komt, komt niet uit onze wereld op, maar bloeit wel in onze wereld op, als een roos die ontluikt uit barre wintergrond. In dit kind herkennen we God, die met ons is. Laat dat je met hoop vervullen, en blijf tezamen komen om die hoop en elkaar vast te houden.

vrijdag 6 december 2013

Advent? Nu?! - preek Eerste Advent 1 december 2013: Tamar


De preek is ook te beluisteren via Kerkomroep

Vandaag begint de Adventstijd. Wat bedoeld is als een tijd van hoop en verwachting, begint nu op een moment dat velen van ons rouwen om de dierbare mensen die we in korte tijd moesten verliezen, en waar we afscheid van moeten nemen. Het treft families in onze gemeente, vele bevriende gemeenteleden, gemeenteleden die jarenlang met elkaar optrokken, ook in alle kerkelijke activiteiten en vergaderingen. We zullen ze erg missen. En dan voelt het een beetje ontijdig om nu van hoop en verwachting te spreken. Het wrikt een beetje. Ja, het is nu eenmaal Advent, dus vooruit: we beginnen eraan. Ja, het leven gaat door, en we moeten nu eenmaal verder, maar verwachten we nog iets? Kunnen we nog iets hopen? Ja, natuurlijk. Juist de gemeenschap van gelovigen die elkaar zo ondersteunt deze dagen is een getuigenis van die hoop. Hoop dat het niet blijft bij wat het leven ons brengt en hoe het leven loopt en afloopt. Hoop dat het uiteindelijk niet van ons komt, en niet afhangt van wat wíj winnen én verliezen. Hoop dat God ons leven ten goede keert. Ook al lijkt wat er in ons leven gebeurt dat te weerspreken.

Zo begint Mattheüs zijn evangelie eigenlijk ook. Wat heeft de geschiedenis van Israël nu eigenlijk gebracht? Ja, het leven ging door van vader op zoon, maar veel verder zijn ze er niet mee gekomen. Het lijkt een saai eerste hoofdstuk. En het lijkt niet zoveel te vertellen te hebben. En de ironie is: dat is ook eigenlijk zo. Als Mattheüs het geslachtsregister van Jezus vertelt gaat deze uit van de mannelijke lijn, dus van Jozef. En met wat creatief boekhouden komt de evangelist uit op drie keer veertien generaties tot en met Jozef. Maar dan, staat er: bij Maria werd Jezus verwekt... Hé, waar is Jozef nou? Nergens dus, want, vertelt Mattheüs twee verzen later: ze bleek zwanger te zijn van de heilige Geest. Dus als snelle eerste reactie zou je kunnen zeggen dat we dat hele geslachtsregister voor niets hebben gelezen. Want er zit een soort cesuur bij Maria. Een geestige onderbreking van de mannelijke geslachtslijn. Maar toch vertelt Mattheüs ons deze hele lijst.

Er zit een soort dubbele boodschap in dit eerste hoofdstuk, zoals Mattheüs ook twee keer in dit hoofdstuk vertelt over de afstamming of afkomst van Jezus. Eerst vertelt hij het hele geslachtsregister tot aan Jozef. En vervolgens begint hij bij Maria over de afkomst van Jezus in het tweede gedeelte waar wij gestopt zijn vandaag. Dan krijg je het hele verhaal van Maria die zwanger is van de heilige Geest, en Jozef, die zijn knopen telt, en zich afvraagt of hij zich hiermee in wil laten. Die twee lijnen kunnen niet zonder elkaar: de lijn van de mens, door de eeuwen en de generaties heen, en de lijn van God via de heilige Geest. Maar wat doet die lijn van de mens hier dan in? Het lijkt zo nutteloos, en als je al die mannen bekijkt en hun levensgeschiedenissen leest, ook zo hopeloos. Wat komt er uit ons leven op, waaruit hoop kan ontstaan? Het leven lijkt zo vaak dood te lopen, en hoe kan je dan verder? Juist daarop geeft die lijn door de generaties heen juist een eerste aanzet tot een antwoord.

Want deze geslachtslijn, hoe mooi geconstrueerd in drie keer veertien generaties, is juist een lijn van breuken en cesuren, en van doorgang waar niemand het had verwacht, of mensen het onmogelijk hadden gemaakt om nog verder te kunnen. Er was zelfs al sprake van een valse start. Abraham, weet u nog, waar deze geslachtslijn mee begint, kon geen kinderen krijgen. Dat wil zeggen: zijn vrouw werd voor onvruchtbaar gehouden. Het was zelfs zo erg, dat zijn vrouw Sara een zijweg voorstelde via Abrahams bijvrouw Hagar. Maar tegen alle verwachting in werd Sara zelf zwanger, al geloofde ze het zelf nog niet, en lachte ze God uit. God pakte haar terug en gaf hun zoon de naam 'Hij die lacht', Izaak. God heeft humor en leert zo ons mensen een lesje.

Daarna is het eigenlijk niet veel anders gegaan. Mensen zochten meer of minder actief hun eigen weg. En die leidde nogal eens af van de hoofdweg, en dan was er enige bijsturing nodig. En dan waren het juist vrouwen die goed kaart konden lezen, en de mannen weer terugbrachten op het rechte pad. Vrouwen nota bene, die allemaal buitenlanders zijn. Dat wil zeggen, niet Israël eigen. Juist omdat Israël zijn heil ergens anders zocht, een eigen weg ging, maar op de zijweg iemand ontmoette die hen terugzond naar de hoofdweg.

Zo'n rol heeft Tamar ook. Zij is de eerste die wordt genoemd. Terugbladerend in de bijbel komen we bij die roman uit over Jozef en zijn broers. Dat verhaal van die zonen van Jakob, die ook wel Israël genoemd wordt. Het volk Israël in het klein. Twaalf zonen, en een dochter. Die dochter heeft geen zussen om mee ruzie te maken; haar broers liggen eens te meer met elkaar overhoop. Een goed begin voor Israël. Kleine Jozef kan zijn dromen niet op waarde schatten, die een visioen zijn voor het volk, en de broers achten zichzelf belangrijker dan elk visioen waarin een ander het voor het zeggen heeft, en het eigenlijk God is die uiteindelijk de doorslag geeft. En in dat gekissebis rondom die put doemt Juda op als degene die dan tenminste een enigszins redelijke uitweg biedt door voor te stellen Jozef te verkopen als slaaf. Ja, menselijk is het niet, maar het jonge volk van twaalf zonen, en een dochter, blijft ongeschonden. Het leven gaat door, en uiteindelijk breekt het visioen door dat God met zijn jonge volk voor ogen had, als Jozef als onderkoning voor de wereld een zegen is. Zo wil God dat zijn volk is: een zegen voor de wereld.

Maar in het verhaal waarin wij vandaag belanden is het zover nog niet. Wel is duidelijk dat deze Juda een hoofdrol krijgt. Naast Jozef. Jozef, die gaat de wereld in, zal onderkoning worden en de wereld redden van hongersnood. Juda, hij blijft bij Israël en zal Israël redden. Via zijn lijn komt de redding van binnenuit, via al die namen uit het verhaal van Mattheüs, waarvan koning David, en Jezus toch de voornaamsten zijn.

Juda dus. Hoofdrolspeler. Binnen Israël. En ook maar een mens. Hij daalt af, staat er in het begin. Oei. Dat is geen goed teken. Wanneer een mens afdaalt dan wordt hij erg laag bij de gronds. Daar waar er minder licht is, en een mens zijn eigen weg heel goed denkt te kunnen vinden. En wie ziet nou wat hij allemaal doet? U heeft het hele verhaal zojuist gehoord. Maar bij Tamar gaat het niet zoals hij had gedacht en zoals hij het wil. Ja, het is goed met dat zwagerhuwelijk. Ze kreeg er al twee voor de prijs van één. Die derde krijgt ze niet als bonus. Het leven heeft hem al twee zoons gekost. Hij legt de schuld bij Tamar lijkt hij te suggereren. Terwijl wij lezen dat het zijn eigen vlees en bloed is dat afwijkt van de goede weg. Het leven van zijn eerste twee zoons loopt dood. En Tamar stuurt hij naar haar ouderlijk huis. Maar een paar jaar later grijpt ze in. Omdat ze ziet dat ook Juda's leven doodloopt als hij weduwnaar is geworden. En zij is degene die door het zwagerhuwelijk alsnog op naam van Juda's oudste zoon een nakomeling ter wereld kan brengen, waardoor de lijn van Juda doorloopt, hoezeer hij ook zijwegen bewandelt.

Op één van die zijwegen ontmoet Juda Tamar, die zich onherkenbaar heeft vermomd. Zijn seksualiteit is niet meer op voortplanting gericht, maar op zijn eigen genot. Op zich niets mis mee, maar hier nou juist wel. Omdat Juda zijn positie niet voor zichzelf moet houden. Het leven moet doorgaan, ook na hem. Want uit Israël zal een redder geboren worden. En nee, dat weet hij natuurlijk niet. Maar de belofte aan Abraham was wel dat het volk gezegend zou worden met nakomelingen zoveel als er sterren zijn, om een zegen voor de wereld te zijn. En Juda, juist Juda, die man die binnen Israël de richting aan moet geven, juist hem wordt het te heet onder de voeten en hij zegt: ik kap ermee. Te riskant. Twee zoons verloren. Het is genoeg geweest. 

Zo kan het leven door wat je overkomt, dankzij en ondanks jezelf, je soms het gevoel geven: ik doe niet meer mee. Hier stopt het. Genoeg is genoeg. Ik ga mijn eigen weg wel, en dan loopt die maar dood. En het mooie is dat God dat nog accepteert ook. Op die zijwegen waar we even afdwalen of juist schuilen voor wat het leven ons kost, komt God ons tegemoet. Dat laten de vrouwen die Mattheüs in zijn geslachtsregister noemt zien. Allemaal voorkwamen ze dat het leven doodliep. Allemaal op hun eigen wijze en met hun eigen verhaal.

En toch, toch gaat God niet helemaal in onze lijn mee, want dan ineens is Maria zwanger. Zonder Jozef. Los van hoe dat biologisch kan, is de bedoeling van Mattheüs dit, dat hij ons wil verlossen van het idee dat we zelf iets in te brengen hebben. Het zou ons maar hoogmoedig maken en denken dat het onze verdienste is. Nee, juist niet. We hebben zelf niets in te brengen en staan zo vaak met lege handen, terwijl het leven ons als het ware als zand door de vingers glipt.

En daarom mag dit verhaal van Mattheüs een bemoediging zijn. God gaat met ons mee op weg, zoals Hij al meeging met Abraham. En hij volgt ons naar waar het leven ons brengt. En of we er zelf nu deel aan hebben als ons leven doodloopt, of het ons overkomt, en God mag weten waarom: uit ons, bij ons, onder ons, wil God een redder geboren laten worden, een uitweg bieden, een troostvol en hoopvol perspectief bieden, dat ons leven en het leven van wie wij verloren niet vergeefs is, maar dat het doorgaat.


Kunnen wij nu hopen en verwachten, in deze tijd? Misschien niet. Maar God steekt het licht aan. Hij gaat met ons door. Hij laat ons niet zitten. Hij gaat met ons op weg, in ons leven, door ons verdriet en door alle pijn, van en door onszelf, op weg naar dat Kind, dat we enkel maar hoeven te ontvangen, omdat Hij voor ons kwam, om ons Zijn vrede te geven.