dinsdag 24 januari 2017

Hoe is er voor de kerk een toekomst als 'kunstwerk van gebrokenheid'? Preek 22 januari 2017 - Laatste dienst Ambrosiuskerk

Daar zitten we dan. Voor het laatst als wijkgemeente Ambrosiuskerk binnen onze Protestantse Gemeente Waalwijk. Volgende week gaan onze wijkgemeenten samen en zijn we voortaan één gemeente. Alles is daar nu op gericht. Alle dingen zijn bijna gereed, dus laat het nu ook maar gebeuren. Het volgende hoofdstation staat al aangekondigd. Dus waarom nu nog stoppen op dit tussenstation en stilstaan bij de laatste dienst van de Ambrosiuskerk? We zijn niet zo goed in afscheid nemen. En bovendien: we kijken liever vooruit. En trouwens: we blijven bij elkaar, al worden we met veel meer. Vertrouwd en nieuw vermengen zich, en dat gaat vast goed komen.

Toch zit er ook wat weemoed in deze dag, en dat mag. We hebben tenslotte veel met elkaar meegemaakt. En er zijn in de loop van die tijd ook veel mensen geweest die nu niet meer onder ons zijn. Ook dat brengt de weemoed naar boven.

Een nieuwe stap
En dan is het fijn dat we de openbare geloofsbelijdenis van Geo en Debbie hier in deze dienst kunnen vieren. Omdat het ons in het laatste traject naar het volgende hoofdstation van volgende week iets wezenlijks in onze bagage meegeeft.

Dat Geo en Debbie vandaag belijdenis doen is natuurlijk ingegeven door de toekomst, omdat Geo volgende week wordt bevestigd als ouderling vieren. Maar belijdenis doen is te bijzonder om dat er maar even bij te doen. Want het is een heel wezenlijke stap. Een wezenlijke stap ook voor ons allemaal, om de toekomst in te kunnen.

Een stap in geloof
Want belijdenis doen is een stap zetten in geloof.

Waarin vind je je houvast voor het nieuwe jaar? Preek Oud en Nieuw 2016

Wat een jaar hebben we achter de rug. Het is er niet echt gezelliger op geworden. We hebben moeten wennen aan een nieuwe realiteit van aanslagen in Europa, maar ook van hardere tegenstellingen in onze samenleving. Het pleidooi van Jan Terlouw over het touwtje uit de brievenbus van vroeger dat we missen werd kort samengevat door iemand op Twitter, hij had minder dan 140 tekens nodig: het touwtje van Terlouw is een kort lontje geworden. Dat touwtje uit de brievenbus, dat symbool is van vertrouwen in elkaar, is vervangen door een kort lontje waarin iedereen heel heftig op elkaar reageert. En waarbij vervolgens iedereen heel verontwaardigd is over de heftigheid van de reactie van de ander.

Ons leven is kwetsbaar
Die nieuwe realiteit draagt bij en komt voort uit een steeds sterker wordend gevoel dat ons leven kwetsbaar is. En niet alleen maar in de klassieke zin dat ons leven eindig is. Ons leven voelt voor veel mensen ook meer bedreigd dan voorheen. Daar zijn de aanslagen slechts excessen van. Gelukkig maar. Maar veel mensen ervaren aan den lijve dat de wereld aan het veranderen is. De grote wereld wordt kleiner. Afstanden worden makkelijker te overbruggen. Andere culturele invloeden komen binnen in ons land. Werk wordt minder vanzelfsprekend, zorg ook. Niet alles heeft noodzakelijkerwijs met elkaar te maken, maar het komt wel allemaal bovenop elkaar. Het gaat gepaard met politieke aardverschuivingen, een nieuwe politieke onredelijkheid die zijn eigen redelijkheid heeft en ook zijn eigen gelijk. Maar die ons niet meteen gelukkiger maakt.

En vervolgens zit iedereen vanavond thuis of bij elkaar en komt de vraag op: waar gaan we in het nieuwe jaar naartoe? Wat brengt het nieuwe jaar ons? Want per saldo willen we allemaal hetzelfde: gelukkig, veilig en geborgen leven.

Geen gemakkelijke tijden in de bijbel
We lezen vanavond bijbelteksten die niet boven die nieuwe realiteit staan, maar die er midden in staan. In een realiteit die ook de hunne was.

zondag 25 december 2016

Waardoor laat jij je voeden met Kerst? Preek kerstmorgen 2016

Foto: Jonas Bengtsson (flick.com)
Wie het Kerstverhaal denkt, denkt aan vrede op aarde. Daarover zingen de engelen als ze de herders het goede nieuws hebben verteld: 'Vrede op aarde voor de mensen van wie God houdt.' Vrede is echter ver te zoeken. En wat kan een kind dan betekenen?

Huub Oosterhuis schreef een bijzonder gedicht voor het dagblad Trouw:

Eén vluchtkind kantje boord voorgoed geboren

Kerstmis 2016

Verschrikkelijk is de wereld.
Geen Jezus zal Aleppo redden
en zijn god
zwijgt zo diep in alle talen
dat het voelt alsof hij niet bestaat,
nooit heeft bestaan, niet kan, niet wil -
wat is er met mijn brein
dat ik hem steeds weer denk?

Er zal nooit, nergens
een begin van redding zijn
als niet ten minste één mens zegt
'hier ben ik'
en ziende om zich heen
zoekt of er nóg een is, nog twee of drie
met vonken licht 'hier ben ik'
in hun ogen.

In diepe nacht - geen ster te zien
geen engelenzang te horen -
zullen zij gaan
om wat misschien nog kan,
te hopen valt, te redden is

één vluchtkind kantje boord
voorgoed geboren.

Kerstmis is twee- of driemaal
niet te tellen naamloos velen
die 'hier ben ik' zijn
en doen wat moet gedaan.

Hier ben ik, Tijn

'Hier ben ik' zei een kind afgelopen woensdag in Breda bij het Glazen Huis. Zijn naam is Tijn. Hij is pas 6 jaar maar ongeneeslijk ziek. Een hersentumor zal voorkomen dat hij nog een jaar ouder wordt, vertelde een mri-scan een week ervoor. Hij wilde voor het goede doel nagels lakken, vertelde zijn vader. En Tijn wilde daarmee 100 euro ophalen. Het werd meer dan twee miljoen. Heel Holland Lakte voor Tijn, en daarmee voor het goede doel waar hij voor stond: behandeling door het Rode Kruis van kinderen met een longontsteking.

Het was opvallend en verbaasde iedereen hoe één kind zo'n verschil kon maken. En eigenlijk ook een langzaam op gang komende inzamelingsactie van Serious Request uit het slop hielp. Eén klein kind in een wereld vol duisternis.

Wat kan een kind het verschil maken. Kunnen we daarin geloven? Of is de vrede op aarde te ver te zoeken?

Wat doen wij? Wat doe jij? Wij eten op aarde deze dagen. We voelen ons er ongemakkelijk bij soms als we het zo zeggen. Maar tegelijkertijd past het, op een bepaalde manier, wel degelijk bij Kerst. Kerst is weldegelijk het feest van eten op aarde. Van een kerstdis op kerstmis. En dat geeft een bijzonder accent aan Kerst.

Broodhuis Bethlehem
'Hier ben ik'. Het Kerstkind kondigde zich aan, op weg naar Bethlehem. De stad van koning David, verre familie van Jozef. De man die Jezus zou aannemen als zijn zoon. Bethlehem is een mooie plaats voor het kind om geboren te worden. De plaatsnaam betekent namelijk brood-huis, Beth-lehem. Een broodhuis. Maar niet als een vreetschuur, maar als een bron van voedsel in schaarste.

Bethlehem had namelijk die schaarste zelf gekend. Bethlehem is de plaats waar eeuwen eerder, een paar generaties voor Koning David, God helemaal geen koning was. En als mensen zichzelf koning wanen vreten ze alles kaal, nemen en pakken ze wat ze pakken kunnen. En het voedsel raakte op. Er was een grote hongersnood. God was geen koning meer. En de man die zo heette, Elimelech, God is koning, ging dood. En zijn zonen waren lui en verveeld geworden, tot niets meer in staat. Ziek, zwak en misselijk, zo heten ze: Machlon en Kiljon, en zij gingen ook dood. Een van hun vrouwen was Ruth, en zij bleef als weduwe achter. Zij ging met haar schoonmoeder mee terug naar Bethlehem, dat haar schoonmoeder was ontvlucht vanwege de honger. Langzaamaan was er weer wat eten te vinden in Bethlehem. En Ruth deed het haar schoonmoeder en haar volk voor: ze raapte wat er over was van de oogst van het land. Niet pakken wat je pakken kan, maar nemen wat er over is. Daarmee niet nemen, maar ontvangen. En Boaz, een lid van de schoonfamilie van Ruth, zag het en nam haar tot vrouw.

Daarmee bracht Ruth, als buitenlandse aan het Joodse volk toegevoegd via het huwelijk, het besef terug dat we ons voedsel van God krijgen. Dat God ons voedt. Ja, we werken er zelf ook hard voor. En we proberen met allerlei technologie de verbouwing van gewassen te beïnvloeden, maar we kunnen het niet grijpen. We krijgen het, van God.

Jezus in een voerbak 
Zo wordt Bethlehem, door een vrouw van buiten die het verschil maakt, weer broodhuis. Zo werd ze de overgrootmoeder van koning David. Verre familie van papa Jozef. En zoveel eeuwen later was Bethlehem weer het broodhuis. In de voerbak in de stal lag een heel bijzonder kind, Jezus. Ja, in een voerbak. Nee, niet zomaar. Die stal staat voor een oude profetie van Jesaja, die aan het begin van zijn profetieën zegt: 'Een rund herkent zijn meester, een ezel kent zijn voederbak, maar de Israëlieten kennen hun Heer niet. Mijn volk wil niets van mij weten.' Met andere woorden: een rund weet van wie hij te eten krijgt, en een ezel ook. Maar wij niet. Wij denken zo vaak dat het allemaal van onszelf komt.

Wat voedt je? 
En dat kind in die voerbak herinnert daar weer aan. 'Hier ben ik' zegt het kind met zijn verschijning. 'Weet waar je je voedsel vandaan krijgt. Niets hebben jullie aan mijn komst hoeven doen. Sterker nog, er was niet eens plaats voor mij. En papa Jozef is een schat, maar hij is er ook niet aan te pas gekomen. Haal jij nu je voeding ook echt bij mij, hier in de voerbak van de stal in het broodhuis?'

Waar haal je je voeding vandaan? Jezus wil de voedselbron zijn. Ook met Kerstmis. Hij is de kerstdis met Kerstmis. Hij is het eten op aarde. Niks mis met dat eten. En ook niet met het samen eten. Als het maar altijd in het besef is dat we het krijgen. En dat we het gekregen hebben in een tijd van tekort.

Wie voedt je?
Want er is een tekort. Een tekort aan voedsel in de wereld. Maar ook een tekort aan mensen die zich door liefde laten voeden. Een tekort aan mensen die het verschil maken, waardoor de actie van Tijn ons zo versteld doet staan. Maar Tijn laat zien: het kan nog. Laat je voeden. Laat je voeden door Jezus, ons eten op aarde in de voederbak van het broodhuis.

De zes J's. En wat doe Jij?
Dan sluit je aan in de rij van de J's deze Advents- en Kersttijd. Na Jesaja, Jakobus, Johannes, Jozef en Jezus, ben Jij de zesde J. Wat doe jij? Laat je je voeden door de Kerstboodschap in alles wat je doet? Zeg dan om te beginnen simpel 'dank U wel' als je straks gaat eten. Leef in het besef dat je alles krijgt. En laat je voeden door de woorden van Jezus. Eet smakelijk!

zaterdag 24 december 2016

Hoe reageer je op Gods onvoorwaardelijke liefde? Preek Kerstnacht 2016

Foto: Dhinal Chheda (flickr.com)
Stel je toch eens voor, dat iemand voor jou een kind geboren laat worden. En dan niet als de uitkomst van liefde tussen twee mensen, maar als een geschenk, zomaar. Net zoals Jozef en Maria een kind krijgen. Zomaar. Het komt niet uit hen voort, want Jozef is de vader niet. Het kind wordt hen, wordt ons, gegeven.

Stel je toch eens voor, dat iemand voor jou een kind geboren laat worden. En dat het bij jou voor je deur ligt. Een kind waar je niet om hebt gevraagd. Een kind, dat je gegeven wordt. Wat zie je dan? We kunnen er van alles bij voelen. Vertedering, misschien ook ongemak. Maar wat zie je dan? Een kind laat als geen ander aan je zien wat het is om onvoorwaardelijk van iemand te houden. Wat je ook doet als geroutineerde ouder of oppasser, of als volstrekte leek, in al je onhandigheid soms en in al je nukken en chaos: dat kind houdt van jou. Onvoorwaardelijk.

Onvoorwaardelijke liefde
Het is daarom dat God een kind geboren laat worden. Om te laten zien hoe onvoorwaardelijk Hij van ons houdt. Eigenlijk zijn de geboorteverhalen maar een relatief kleine inleiding op een veel groter verhaal dat dertig jaar later in Jezus' leven begint. Dan treedt Jezus in de openbaarheid en zal hij vertellen en laten zien hoe groot Gods liefde is.

Dus waarom niet pas dertig jaar later starten? En waarom dat hele gedoe met die zwangerschap en die reis naar Bethlehem? Had God niet gewoon een goed mens kunnen uitzoeken dertig jaar later?

Twee redenen waarom God een kind geboren laat worden
Om twee redenen niet. Allereerst wil God iets van zichzelf geven. Vandaar dat er een kind geboren moet worden dat van Hem is. En waar Jozef dus niet aan te pas komt. Hij geeft iets van zichzelf. Hij neemt niet iets of iemand uit ons om ons iets duidelijk te maken over Hem. Nee, Hij geeft iets van zichzelf. En dat moet dus eerst geboren worden. En het moet opgroeien in onze wereld. En zo komt hij van buiten en van binnenuit tegelijkertijd. Een uit God en een uit ons.

De tweede reden om een kind geboren te laten worden is dat juist een kind laat zien wat het betekent om onvoorwaardelijk lief te hebben. Ja, een kind kan ook niet anders, want het is afhankelijk. Maar een kind weet ook niet beter. Of eigenlijk: het weet ook niet slechter. Want hoe meer je opgroeit, hoe meer je ook teleurgesteld wordt in de liefde van anderen. In de loop van je leven raak je door allerlei omstandigheden stukjes naïviteit kwijt, en ook stukjes van je onbevangenheid. Het onvoorwaardelijke gaat er een beetje, of een beetje veel, vanaf.

En zou je dan nog kunnen geloven in onvoorwaardelijke liefde van iemand anders? Zou je jezelf met alles wat je weet en kent en hebt ondervonden nog durven laten zien?

Geloven dat iemand onvoorwaardelijk van je houdt
Ook dat zijn twee dingen. Met anderen kunnen we veel in ons leven hebben meegemaakt dat ons een klein beetje of een beetje veel wantrouwend heeft gemaakt. Van de meest erge schending van vertrouwen in misbruik, tot allerlei dingen die je meemaakt met vrienden, familie, in relaties en op je werk. En dat hakt er in meer of mindere mate in. Je gaat toch niet meer zo makkelijk met vrienden om die je vertrouwen beschamen. Iets wat tussen geliefden gebeurd is kan niet meer altijd helen. Familie en in zekere zin ook collega's zijn je gegeven, en daarin kan een stukje 'tot elkaar veroordeeld zijn' zitten wat nooit vrij voelt, of waar je noodzakelijkerwijs in je hart of in het echt mee breekt, omdat niet te helen is wat er gebeurt of is gebeurd. En als je dat alles bij elkaar optelt, kun je dan nog geloven in onvoorwaardelijke liefde van iemand anders?

En wat doet dat met je eigen zelfbeeld? Kun je je voorstellen dat er van jou nog onvoorwaardelijk gehouden wordt? In veel relaties in familie, met vrienden, geliefden en collega's, merken we dat er voorwaarden worden gesteld om ons lief te hebben. Vaak voelen we allerlei verwachtingen waar we aan moeten voldoen. Overigens zit dat vaak in onszelf dat we dat voelen, maar dat is dan ook niet zonder reden. We hebben vaak genoeg gemerkt dat we niet voldoen aan de voorwaarden van anderen. En daardoor kun je zomaar ineens merken dat vrienden zich terugtrekken, familieleden niet naar jou vragen, collega's je negeren. En laten we onszelf niet hierbuiten zetten.

Zelf onvoorwaardelijk van iemand houden
Ook als je naar jezelf kijkt zul je vast merken dat je voorwaarden stelt, of in ieder geval verwachtingen hebt. En kun je houden van iemand waarvan je niets meer kan verwachten? Er zijn mensen die voor die levensgrote opdracht staan omdat hun partner, hun ouders of hun kinderen zo veranderd zijn, of zijn wie ze zijn. Anders dan je verwachtte of hoopte. En dan is liefde een opgave. Of misschien vanzelfsprekend, want 'dat doe je nu eenmaal'. Maar toch, het kan zwaar zijn. Maar ook buiten deze situaties kun je met vrienden, familie, geliefden en collega's voor de onmogelijke vraag te staan: kan ik houden van iemand waarvan ik niet kan verwachten wat ik wens of die is zoals hij is?

Al die verwachtingen die we ook zelf voelen van anderen maken het best lastig om te geloven dat iemand onvoorwaardelijk van ons zou kunnen houden. Laten we zeggen: we kennen onszelf, en dat zal voor een ander toch niet anders zijn. En we kennen ook onze eigen nukken, onze eigen vuile was. We zijn wie we zijn en we zien het in de spiegel. Zou er iemand onvoorwaardelijk van ons kunnen houden?

Ja! Iemand houdt onvoorwaardelijk van ons
Het antwoord met Kerstmis is: ja! De geboorte van Jezus laat zien dat God onvoorwaardelijk van ons houdt. Ook van jou? Ja, ook van jou! Kijk maar naar dit Kind. Dat niet voor niets Gods Zoon genoemd wordt. Hij is de selfie van God. Kijk naar dit Kind en je ziet hoe God van je houdt. Onvoorwaardelijk. Net als een kind.

Een redder
Over dat Kind zegt de engel tegen de herders: Vandaag is jullie redder geboren. Dat is Jezus. Zijn naam betekent: God met ons. En hij is onze redder. Waaruit redt hij ons dan? Van alles wat ons beschadigt heeft waardoor we niet meer onvoorwaardelijk kunnen liefhebben. Van alles in ons waardoor wij ook niet onvoorwaardelijk liefhebben. Van alles aan ons, waardoor we, ook door eigen schade en schande wijs geworden, voor onmogelijk houden dat we onvoorwaardelijk zouden worden liefgehad. Daarvan is Jezus onze redder.

Je naaste liefhebben als de selfie van God

Dit Kind, Jezus, vertelt ons dat God ons onvoorwaardelijk liefheeft. Vind er troost in, maar ook een bemoediging. Als het dan zo is dat we werkelijk onvoorwaardelijk worden liefgehad, misschien kunnen we dan ook weer een beetje meer proberen te vertrouwen op anderen. Minder bang om afgewezen te worden of pijn gedaan, want we worden al onvoorwaardelijk liefgehad. Misschien kunnen we ons een beetje meer oprichten als je twijfelt of je er mag zijn. Ja, je mag er zijn. En vertel je verhaal. En als een ander het toch niet wil horen, dan wil God het horen. Vat moed uit deze boodschap en ga ervoor. Heb lief, probeer het maar. Je wordt onvoorwaardelijk liefgehad. Door Jezus, door God.

vrijdag 9 december 2016

Het gloeit op school! Kerk en School 2.0 op het Landelijk Missionair Festival

Sandra Gaakeer, Adri Buijs en Otto Grevink
Het gloeit bij ons op de basisschool. Een protestants-christelijke basisschool waar ik ruim tien jaar geleden de eerste contacten mee legde. Inmiddels ben ik er de 'school-dominee'; iedere woensdagmorgen ben ik er. En doe ik wat men mij vraagt om te doen of wat mijn hand vindt om te doen. Ik leg een moeilijk bijbelverhaal uit in de klas, beantwoord vragen, werk mee aan projecten, stimuleer, motiveer. En ruim de vaatwasser mee uit. Ja, dat ook. Zo ben je samen op een plek waar de Geest waait en mensen laat gloeien.

We hebben een hele weg afgelegd hier naartoe, die vooral tijd vroeg en investeren in relaties. En we zagen dat puzzelstukjes in elkaar gingen vallen. En dat het zelfs logisch werd dat ik  als dominee vaker kwam, en uiteindelijk bleef. En dat allemaal, vooral omdat de kinderen enthousiast zijn.

Zo hebben we de relatie tussen Kerk en School opnieuw uitgevonden en een upgrade gegeven: Kerk en School 2.0. En zoals elke upgrade is er een lijstje van wat verbeterd is:

- Kerk en School 2.0 is niet meer kerkgericht, maar kindgericht
- Kerk en School 2.0 draait de geloofsopvoeding om
- Kerk en School 2.0 draait om relaties en herkenning, niet op oude, gestolde verhoudingen
- Kerk en School 2.0 zingt, swingt, gloeit

De releasedatum van Kerk en School 2.0 is 10 december 2016, op het Landelijk Missionair Festival op 10 december 2016 en is een initiatief van Sandra Gaakeer, Adri Buijs en ds. Otto Grevink.


Ben jij klaar voor je upgrade en wil je checken of jouw besturingsssysteem dat aan kan? We zien je graag bij de workshop van 11.00-12.00u!

maandag 14 november 2016

Hoe pioniert de EO?

Hoe communiceer je het christelijk geloof in deze tijd? De Evangelische Omroep heeft net als de kerken de missie om het Evangelie te communiceren. Maar hoe doen we dat in ieders eigen context? Kerken en omroep zoeken hier allebei naar en vinden elkaar in het pionieren. Dat bleek op een werkbezoek van de Raad van Kerken Nederland bij de EO, waar ik vanmiddag aan deelnam.

Drie handvatten
Om het christelijk geloof te kunnen communiceren gaf de EO in de persoon van manager Tineke van der Velde drie handvatten:
1. Ken je publiek en de context waar ze de boodschap ontvangen
2. Benoem en bewaak (!) je kernboodschap
3. Durf te variëren in de vormen (bijv. op diverse platforms)

Hoe expliciet ben je in die boodschap en voor wie is die?
Kun je in de huidige tijd wel helder zijn over je eigen geloof? Sluit je daarmee anderen niet uit? De EO wil in haar boodschap expliciet en inclusief zijn. 'Expliciet' gaat over transparantie over waar je voor staat: je bronnen en je normen en waarden. De boodschap gaat over Jezus. Punt. Maar die boodschap wil niet mensen uitsluiten. Vandaar 'inclusief'. Het sluit mensen niet uit, maar in. Een uitgangspunt dat ik ook tegenkwam bij een reis door Londen met pioniers in opleiding bij St. James' Piccadilly, waar men expliciet en inclusief met de boodschap omgaat en zo een helder profiel heeft, waarin ze zwervers en LGTB's en vele anderen welkom heten.

Net pionieren
Ik hoorde vanmiddag als pionier hele bekende uitgangspunten én dilemma's. Wat de EO doet is op veel fronten gewoon pionieren:
1. in de zoektocht naar hoe je in een seculiere - neutrale - omgeving binnen de mediawet toch expliciet kan zijn over je boodschap en open bent naar iedereen.
2. in de moeite met de achterban, of dat nu omroepleden of kerkleden zijn, waar je enigszins los van moet komen om gewoon te pionieren en mensen te bereiken die anders niet bereikt worden. Zonder je daarmee van je achterban te vervreemden.
3. rondom programma's en concepten kunnen zich communities gaan vormen, zoals bij Nederland Zingt, die reageren via Facebook en elkaar opzoeken op Nederland Zingt reizen. Meetups op zijn EO's.
4. de inzet van veelal jonge mensen op (social) mediagebied om echt bij de tijd te zijn.

Boeiend om de overeenkomsten te ontdekken tussen het pionieren van de EO en van de Protestantse Kerk. In december mag ik meewerken aan de Vermoeden vieringen op Radio 5. Ook zo'n 'pioniersplek' van Marleen Stelling. Ik verheug me erop te zien hoe daar gepionierd wordt. We blijven in gesprek. Dat hebben we afgesproken.

woensdag 9 november 2016

Het gelijk van de middelvinger

De kiezer heeft altijd gelijk. Daar heeft onze regering al problemen mee, laat staan de aanhangers van Hillary Clinton. Maar de kiezer heeft altijd gelijk. Dus ook als hij zijn middelvinger opsteekt. Maar wat moeten we ermee?

Met stijgende verbazing heb ook ik de opkomst van Donald Trump gevolgd. Bij tijd en wijle walgend. Maar de kiezer heeft altijd gelijk. Ook als hij zijn middelvinger opsteekt.

Wat zegt die kiezer? Dat is moeilijk, want hoe analyseer je een aardverschuiving? We zijn geneigd om te zeggen: ja, de kiezer zegt wel dat..., maar ze zeggen eigenlijk... Nee, ze zeggen wat ze zeggen. Deal with it.

Waar heeft de kiezer pijn?
En dat is moeilijk. Want de kiezer steekt denk ik echt zijn middelvinger op. Niet alleen Trump. Of Wilders. En dat doet pijn. Maar de kiezer heeft ook pijn. Voor zover ik het kan begrijpen denk ik dat hij de vele veranderingen beu is. Veranderingen, die alleen maar onzekerheid geven en hem niets opleveren. Nee, anderen lijken ervan te profiteren, maar hij niet. Voor het eerst komt er een generatie die het wellicht niet beter heeft dan de vorige. Die moet leven in een wereld met allemaal nieuwe invloeden. Nieuwe culturen, nieuwe technologieën. En nieuwe arbeidsomstandigheden die veel onzekerder zijn. En dat doet hem machteloos voelen. En het is een logische emotie van de kiezer om dan kwaad te worden.

De nieuwe redelijkheid is onredelijk
Die woede moet een plek krijgen, ook in onze verkiezingscampagne. En die moeten we niet meteen te lijf gaan met een 'nieuwe redelijkheid'. Want dit is de nieuwe redelijkheid: een onredelijke redelijkheid. En die heeft redenen te over om onredelijk te zijn. En zeg nooit tegen een onredelijk iemand dat hij onredelijk is. Als je dat wel eens gedaan hebt, dan weet je hoe feller het antwoord is.

Dictators kwamen op voor genegeerde mensen
En laten we niet te snel vervallen in dictatoriale parallellen. Kijk eens achter de opkomst van die dictatoriale regimes. Daar zat veel genegeerde onredelijkheid. Juist die parallellen moeten ons er alert op maken echt werk te maken van onze democratie, waarin mensen zich blijkbaar uitgesloten voelen. Niets te zeggen voelen hebben. En als dat onredelijk is, best. Maar de kiezer heeft gelijk, ook als hij zijn middelvinger opsteekt.

Geen middelvinger, maar een uitgestoken hand
Ik steek mijn middelvinger niet op. Niet naar de democratie, maar ook niet naar de kiezer. Want hoe erg ik er ook van baal, de kiezer heeft gelijk. En zo lang ik zelf ook een van die kiezers ben, zal ik hen niet afvallen. En mijn hand naar hen uitsteken.