maandag 2 april 2018

Hoe zie je lichtpuntjes?



Afgelopen donderdagmiddag was deze kerk gevuld met bijna 200 kinderstemmen. En die zongen dat Jezus leeft en dat de steen helemaal weg is. Foetsie! Bijna 200 leerlingen van de Prins Bernhardschool waren ook even 200 kerkgangers, met hun leerkrachten erbij en een aantal ouders en grootouders die tijd konden maken om erbij te zijn. En ze hoorden het paasverhaal dat ze al een paar weken eerder op school hadden gehoord. Toen was ik bij hen. 

Opdracht
En ik had ze een opdracht gegeven. Het paasfeest is dus het feest waarop we vieren dat Jezus is opgestaan uit de dood. 'Dat kan toch eigenlijk niet' riepen er meteen een paar. Klopt, zei ik, en daarom vieren we feest. Omdat het leven van Jezus niet stopte. Dus is Pasen het feest van een nieuw begin als je denkt dat er helemaal geen nieuw begin meer mogelijk is. Bedenk maar eens iets wat je kunt doen, of wat andere mensen doen in situaties waar geen nieuw leven meer mogelijk lijkt of geen hoop meer is of waar je denkt: hier stopt het. Bijvoorbeeld een school die gebouwd wordt op de puinhopen van oorlog door een goed doel, of dorre aarde waar zaadjes in geplant worden, zodat er weer nieuw leven uitkomt.

Aan de slag
De klassen gingen creatief aan de slag.

maandag 26 maart 2018

Hoe ga je met twijfel om in je geloof? - preek in vespers Stille Week 26 maart 2018

'Het was een nacht, anders dan and're nachten
want in het duister loerde het verraad.
Bij elke leerling kwam het in gedachten:
o, ik toch niet, zo'n gruwelijke daad?'

Wonderlijk eigenlijk, en wat goed dat de voorbereiders van deze liturgie het zagen: waarom schiet bij elke leerling in gedachten: 'Ik toch niet, Heer?' Wat maakte dat ze dat dachten van zichzelf? Een andere evangelist, Lucas, schrijft een veel voorspelbaardere reactie op: 'Ze vroegen zich onder elkaar af wie van hen zoiets zou kunnen doen.' Je kunt je zomaar voorstellen dat ze zouden zeggen: 'Is hij het?' Alsof ze aan het nomineren slaan wie de Judas is onder hen. Maar dat zeggen ze niet. Ze zeggen: 'Ik toch niet, Heer?'

Onzeker

Wat gaat er toch in hen om dat ze dat zeggen? Als Jezus zegt: 'Eén van jullie zal mij uitleveren', dan zou je toch zeggen dat ze zelf weten of ze iets van plan zijn? Nou, dat is te zeggen. Vergeet niet dat zij op dat moment niet weten welke daad er bij het verraad hoort. Wij weten wat Judas gaat doen. Jezus misschien ook wel. Maar de leerlingen weten niet waar Jezus precies op doelt. 'Een van jullie zal mij uitleveren, verraden'. Kennelijk maakt Jezus' uitspraak hen onzeker. Het is meer dan een schok dat er onder hen een verrader is. Ze schrikken ook omdat het kennelijk iets in hen raakt. Wat zou dat zijn? In ieder geval een soort twijfel. Misschien twijfel of ze het kunnen volhouden dichtbij Jezus te blijven? Het vraagt best wel wat van ze. En wie weet hoe anderen erover praten. Hoe lang kun je tegenover anderen volhouden dat je bij Jezus hoort, ondanks alle vragen en misschien wel verwensingen? Hoe sterk ben je in je geloof? Nou, kennelijk valt dat nogal mee bij de leerlingen van Jezus. Of tegen.

Twijfel

En dat raakt aan onze twijfel.

zondag 25 maart 2018

Waarom zijn de mensen eerst blij met Jezus en daarna niet meer? - Preek Palmpasen Tilburg 25 maart 2018


Nog een week, en dan is het Pasen. En we vieren nu al feest. Dat lijkt een beetje voorbarig. We weten wat er nog te gebeuren staat. De komende week lezen we hoe Jezus geleden heeft om daarna uit de dood op te staan. Dat maakt het feest vandaag dubbel. We sluiten de viering vandaag daarom ook af met de bekende woorden: 'Heden Hosanna, morgen kruisig hem!' Vandaag juichen de mensen bij de intocht van Jezus in Jeruzalem. Maar de komende week zullen ze Barabbas verkiezen boven Jezus, als Pilatus aan het volk vraagt wie hij vrij moet laten. En als Pilatus dan vraagt wat hij dan moet doen met Jezus, antwoorden ze: Kruisig hem! Dat maakt het feest van vandaag heel dubbel. Het is een feest met een rouwrandje. Dat leverde dus nogal wat vragen op bij de basisschoolleerlingen van onze buren, de Prins Bernhardschool.

In mijn zoektocht naar aansluiting bij kinderen en jonge gezinnen ben ik maar eens gaan kennismaken op de enige protestants-christelijke school die we nog hebben in Tilburg. En voor ik het wist was ik betrokken bij de voorbereiding van de Paasviering. Die paasviering houden ze, net als een kerstviering, elk jaar hier in de kerk, dit jaar komende donderdagmiddag. Hoe bereid je nu met elkaar zo'n viering voor op school, als een groot deel, zo niet het merendeel van de kinderen, niet meer goed weet waar Pasen nu eigenlijk over gaat? Ook bij een aantal leerkrachten merkte ik verlegenheid. Help ons eens op gang, was de vraag. Toen hebben we eerst maar eens aan alle kinderen het paasverhaal verteld. In de aula, met twee enthousiaste leerkrachten, waarvan er één lid is van de Gereformeerd Vrijgemaakte Kerk en de ander aangestoken werd door ons enthousiasme. En we hebben dat verhaal verteld en ik heb ze een opdracht gegeven om in de klas uit te werken voor de paasviering.

Eerst blij, dan boos


Die presentatie vroeg nog wel om wat meer kennismaking met mij en toelichting op het paasverhaal in de klassen. Dus afgelopen maandag maakte ik een ronde in de groepen 5 tot en met 8. In drie van de vier klassen werd de volgende vraag gesteld die over de dubbelheid van Palmpasen gaat:

zondag 18 maart 2018

Durf lef te hebben - Preek Waalwijk 18 maart 2018


Tekst: Jeremia 31: 31-34 en Johannes 12: 20-33

'De tijd is gekomen' zegt Jezus. Nu. Hier. Het is tijd. 'De tijd is gekomen dat de Mensenzoon tot majesteit wordt verheven.' Maar niet zomaar: 'Waarachtig, ik verzeker u: als een graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft het één graankorrel, maar wanneer hij sterft draagt hij veel vrucht.'

'De dag zal komen', zo spreekt de Heer volgens Jeremia, 'dat ik met het volk een nieuw verbond sluit: ik zal mijn wet in hun binnenste leggen en hem in hun hart schrijven. Dan zal ik hun God zijn en zij mijn volk.'

Die dag is nu gekomen. Het is tijd. Er staat iets te gebeuren dat voorgoed onze verbinding met God verandert. Onze verbinding met God zal in ons hart geschreven worden. En, voegt Jeremia eraan toe, 'Ik zal hun zonden vergeven en nooit meer denken aan wat ze hebben misdaan.'

Lichtpuntjes 


Voor een klaagprofeet als Jeremia is dit heel bijzonder. Door de grauwe deken die in zijn beelden over de wereld en over ons hangt ziet hij lichtpuntjes. 'Dan zal ik hun God zijn en zij zullen mijn volk zijn.'

Waar moeten we het zoeken in de kerk? 


Tja, ziet dat volk die lichtpuntjes nog? Zien wij ze nog?

zondag 11 februari 2018

Wat moeten we toch met genezingsverhalen? Preek Waalwijk 11 februari 2018, Waalre en Giessenburg


Wat moeten we toch met die genezingsverhalen? Wat moeten we überhaupt met die wonderverhalen? Hoezeer ze ook in de bijbel bedoeld lijken te zijn om geloof bij ons te wekken, stellen ze het geloof van veel mensen op de proef, of maken ze het zelfs onmogelijk. Voor hen zijn de verhalen ongeloofwaardig. En ook anderen die nog wel geloven, maar niet met deze verhalen uit de voeten kunnen zeggen: dat kun je toch niet meer geloven? Dus: wat kunnen we nog met deze verhalen?

Wantrouwend 

Ik stelde die vraag aan een aantal mede-gemeenteleden. En de eerste twee reacties waren opvallend genoeg tegengesteld. Mooi om daar eens mee te starten. De eerste was: is het niet vreemd, en zijn we zo wantrouwend, kleingelovig zo je wilt, dat er een wonder nodig is om in God te kunnen geloven? Als je naar het verhaal van Naäman kijkt, krijg je inderdaad de indruk dat hij pas na zijn genezing toegeeft: 'Ik wist wel dat er behalve in Israël in de hele wereld geen God is.' Ja, lekker makkelijk, achteraf. Is geloof echt iets bij mensen van 'voor wat, hoort wat'?

Voor wat hoort wat? 

'Allemaal leuk en aardig', zegt een ander. 'Maar werkt dat ook andersom zo? Dat het ook bij God 'voor wat, hoort wat' is? Dat ik pas wordt genezen als ik voldoende geloof?

dinsdag 12 september 2017

Hoe kun je geloven in meer? Preek 10-09-2017 Luxemburg

foto: eo.nl
Als je aan mensen vraagt of ze geloven, en wat ze dan geloven, dan klinkt er vaak een stamelend: ik geloof dat er meer is. Kennelijk is dat een gevoel dat veel mensen aanspreekt in geloven: geloven dat er meer is. Maar wat is dat dan? En wat heb je eraan?

Geloven dat er meer is roept meteen de vraag op: en meer dan wat dan? Ik denk dat dat voor iedereen verschillend is. Er zijn tal van situaties denkbaar die je doen afvragen: is dit het nou? Is dit alles? Is dit de wereld zoals die bedoeld is? Veel mensen blijven met lege of halflege handen staan, of wat ze hebben wordt in het leven uit hun handen geslagen. Ons leven is kwetsbaar, net als dat van onze lieve naasten. Er veel kan tegenzitten, in je relatie, de relatie met je kinderen en je ouders, met je vrienden. Het kan moeilijk zijn op het werk of om werk te vinden. Of juist de overvloed aan mogelijkheden en verworven welvaart kan de vraag oproepen: is dit nu alles? En hoe langer hoe meer merken we in ons leven dat je leven brozer wordt, zeker als je ziek wordt, bent of blijft. Of alleen overblijft. En is dit het dan?

Voel je dat het minder is, of voel je een verlangen naar meer?
En dat roept allemaal verschillende gevoelens op.

zondag 3 september 2017

Waarom is je talent zo belangrijk? Preek 27-08-2017 Waalwijk (Trust in Unity)

Waarom is het zo belangrijk dat jongeren hun talenten kunnen ontwikkelen? En waarom is het zo belangrijk dat we Trust in Unity steunen om dat mogelijk te maken in Ghana? Met die vraag ben ik gaan kennismaken met de mensen achter Trust in Unity. Ik kon natuurlijk mijn eigen antwoorden bedenken op die vragen, maar ik was zo benieuwd naar de antwoorden van de mensen zelf. Ik was benieuwd naar hun motivatie, naar hun verhaal. Want er zijn goede doelen te over. En waarom spreekt dit doel ons dan aan? Als we er in een kerkdienst aandacht aan besteden, dan gaat het om geloof. Hoe spreekt dit doel ons aan in ons geloof? Hoe inspireert het ons, om niet alleen dit doel te steunen, maar er zelf ook in ons geloof gesterkt door te worden? Hoe leren we hierin iets over God?

Hoe speelt geloof een rol bij Trust in Unity?
Trust in Unity is geen christelijke stichting in naam. Hun motivatie is dat wel te noemen. Geloof speelt in de gesprekken tussen de oprichters een grote rol. Eén van de Ghanese oprichters heeft dominee kunnen worden door steun van anderen in zijn opleiding. En de kerk in Ghana speelt ook een grote rol, ook voor de Nederlandse Femke Joy, de Nederlandse oprichtster.